Showing posts with label krautrock. Show all posts
Showing posts with label krautrock. Show all posts

Tuesday, 14 March 2023

The WAEVE. The WAEVE

Rose Elinor Dougall (The Pipettes) en Graham Coxon (Blur) bundelen op bijzondere wijze de krachten als The WAEVE en laten bijna een uur lang horen dat één plus één soms veel meer dan twee is.

De samenwerking tussen Rose Elinor Dougall en Graham Coxon kwam bij toeval tot stand maar had grote gevolgen voor het tweetal. Daar mogen we nu in muzikaal opzicht van mee genieten, want de eerste stappen van hun gezamenlijke project The WAEVE leveren een ijzersterk debuutalbum op. Het is een album dat zich door van alles en nog wat heeft laten inspireren, maar dat op een of andere manier toch ook consistent klinkt. In muzikaal en vocaal opzicht is het smullen en ook de songs van het Britse tweetal blijven de fantasie maar prikkelen. Laten we hopen dat de samenwerking tussen Rose Elinor Dougall en Graham Coxon lang stand houdt, want dit smaakt echt naar veel meer.

The WAEVE is een project van de Britse muzikanten Rose Elinor Dougall en Graham Coxon. Rose Elinor Dougall ken ik vooral van de band The Pipettes, maar ze bracht inmiddels ook drie soloalbums uit, waarvan ik overigens alleen de eerste ken. Graham Coxon is uiteraard bekend als de gitarist van Blur, maar heeft inmiddels ook een respectabel soloalbums op zijn naam staan, die stuk voor stuk op zijn minst interessant zijn.

Rose Elinor Dougall en Graham Coxon grepen de coronapandemie aan om samen muziek te gaan maken, in eerste instantie voor een nieuw soloalbum van Rose Elinor Dougall, waarbij de twee open stonden voor zeer uiteenlopende invloeden. De samenwerking tussen de twee leverde inmiddels al een relatie en een liefdesbaby op, waaraan deze week het titelloze debuutalbum van The WAEVE wordt toegevoegd. Naar verluidt bracht een gezamenlijke liefde voor Britse folkrock uit de jaren 60 en 70 de twee bij elkaar, maar het debuutalbum van The WAEVE bevat veel meer invloeden.

Graham Coxon is vooral bekend als gitarist, maar op het debuutalbum van The WAEVE heeft hij ook zijn oude liefde de saxofoon weer opgepakt. Het fraaie saxofoonspel van de Britse muzikant is belangrijk in het geluid van het duo en roept meer dan eens associaties op met het werk van David Bowie, die zijn liefde voor de saxofoon met enige regelmaat liet blijken, en het vroege werk van Roxy Music. Zelfs wat invloeden van de bijzondere Britse band Van der Graaf Generator zijn nooit ver weg en dat is een inspiratiebron die ik tot dusver nog nooit heb gebruikt.

Rose Elinor Dougall en Graham Coxon uiten incidenteel hun liefde voor de folk(rock), maar het debuutalbum van de twee citeert met grotere regelmaat uit de archieven van de artrock en de Krautrock. Naast het fraaie saxofoonspel valt het debuut van The WAEVE ook op door eigenzinnig gitaarspel, speelse elektronica en fraaie orkestraties. Net als op de soloalbums van de andere leden van Blur, klinkt ook in het werk van Graham Coxon altijd wel iets door de van de Britse band en dat is dit keer niet anders.

Rose Elinor Dougall en Graham Coxon hebben elkaar op meerdere vlakken gevonden, maar ook in vocaal opzicht passen de twee goed bij elkaar. De stemmen van de twee Britse muzikanten vullen elkaar mooi aan en zorgen er bovendien voor dat The WAEVE een karakteristiek eigen geluid heeft. De songs van The WAEVE zijn mooi en sfeervol, maar er gebeurt ook van alles in de muziek van het tweetal, die af en toe herinneringen oproept aan de Berlijnse periode van David Bowie, maar me persoonlijk in muzikaal opzicht ook meer dan eens aan Radiohead doet denken.

Graham Coxon heeft zoals gezegd een interessante solocarrière opgebouwd en ook Rose Elinor Dougall heeft al aardig wat muziek op haar naam staan, maar zo interessant als het debuutalbum van The WAEVE was het wat mij betreft nog niet. De songs van het Britse tweetal zijn stuk voor stuk aangenaam en avontuurlijk, maar het debuutalbum van The WAEVE is ook een heerlijk veelzijdig album, dat in iedere track weer een andere kant op schiet en na een folky track ook zomaar de kant van de postpunk op kan schieten of een jazzy track uit de hoge hoed kan toveren. De samenwerking tussen Rose Elinor Dougall en Graham Coxon was een min of meer toevallige, maar het heeft de twee muzikanten al veel moois gebracht, waar we nu ook als muziekliefhebbers volop van mee kunnen genieten.

Erwin Zijleman


Je kunt The WAEVE hier luisteren en bestellen:

https://thewaeve.bandcamp.com/album/the-waeve

Tuesday, 19 April 2022

Pompeii. Cate le Bon

Singer-songwriter Cate Le Bon staat garant voor bijzondere albums en levert ook met Pompeii weer een album af dat even de tijd moet krijgen, maar dat vervolgens naar grote hoogten groeit. 

Ik heb een ongelooflijk zwak voor de muziek van Cate Le Bon, die met het in 2019 verschenen Reward haar beste album tot dat moment maakte. Dat album krijgt serieuze concurrentie van het nu verschenen Pompeii, dat me inmiddels minstens net zo goed bevalt. De muzikante uit Wales verwerkt dit keer wat meer invloeden uit de jaren 70 en 80 en heeft hoorbaar een zwak voor de muziek van David Bowie. De songs van Cate Le Bon moeten ook dit keer groeien en rijpen, maar als dat proces voltooid is, is ook haar nieuwe album weer een album dat makkelijk vermaakt met fraaie klanken, maar dat ook dieper graaft met bijzondere twists. Bijzondere muzikante, uitstekend album.

De uit Wales afkomstige singer-songwriter Cate Le Bon bracht vijftien jaar geleden haar eerste single uit en bouwt sindsdien aan een heel bijzonder oeuvre. Ze heeft inmiddels een aantal uitstekende albums op haar naam staan en het zijn stuk voor stuk albums die niet voor de makkelijkste weg kiezen, maar die op hetzelfde moment flink wat memorabele popsongs bevatten. 

Het vorige album van Cate Le Bon, het in 2019 verschenen Reward, was voor mij en ondanks de hoge kwaliteit van haar eerste albums met afstand haar beste album tot dusver, waardoor ik, inmiddels al weer enkele weken geleden, met hooggespannen verwachtingen begon aan haar nieuwe album Pompeii. 

Bij een nieuw album van Cate Le Bon weet je over het algemeen twee dingen zeker. Allereerst klinkt een nieuw album van de muzikante uit Wales tot dusver altijd anders dan haar vorige albums en hiernaast maakt Cate Le Bon muziek die de tijd nodig heeft om te rijpen. Het gaat ook weer op voor Pompeii dat zeker niet fantasieloos voortborduurt op het prachtige Reward en dat bovendien sinds mijn eerste beluistering nog flink aan kracht heeft gewonnen. 

Pompeii is net als Reward geproduceerd door de van oorsprong Russische producer Samur Khouja, die de afgelopen jaren mooie dingen deed voor Regina Spektor, Midnight Sister en dus ook voor Cate Le Bon. Cate Le Bon schakelde voor Reward nog flink wat muzikanten in, maar op Pompeii doet ze veel zelf. De Britse muzikante tekende zelf voor de gitaren, synths, bas, piano en percussie op het album en deed alleen voor de drums, saxofoon en clarinet een beroep op andere muzikanten. 

Pompeii is vergeleken met de vorige albums van Cate Le Bon een behoorlijk toegankelijk album, al zitten haar songs ook dit keer vol dubbele bodems en bijzondere twists. Reward haalde deze bijzondere twists zo nu en dan uit de archieven van de Krautrock, maar bevatte ook verwijzingen naar het werk van David Bowie. 

Invloeden uit het werk van de Britse grootheid hebben op Pompeii aan kracht gewonnen. Qua sfeer doet Pompeii meer dan eens denken aan de muziek die Bowie in de tweede helft van de jaren 70 in Berlijn maakte en zeker ook aan die van de jaren hiervoor in de Verenigde Staten, maar Cate Le Bon is op haar nieuwe album ook niet vies van uitstapjes naar de jaren 80, zeker wanneer haar songs worden voorzien van wolken synths. 

Pompeii is een behoorlijk introspectief album. Cate Le Bon nam het album grotendeels in haar uppie op in Cardiff en voegde de aanvullingen van de andere muzikanten wat later toe. Veel songs op het album klinken wat in zichzelf gekeerd, maar Pompeii heeft ook een nostalgisch tintje. 

Bij eerste beluistering vond ik het album net wat minder dan zijn zo goede voorganger, maar over een album van Cate Le Bon moet je nooit te snel oordelen. Songs die in eerste instantie makkelijk lijken te vervliegen of die wat fantasieloos voort lijken te kabbelen, blijken bij herhaalde beluistering een stuk beter en ook na een paar weken is de rek er voor mij nog niet uit. 

Pompeii klinkt vaak als een album dat in de jaren 80 gemaakt had kunnen worden, al weet ik niet direct wie er in dit decennium in staat was om een album als dit te maken. Ook met Pompeii gaat Cate Le Bon weer niet wereldberoemd worden, maar een ieder die haar muziek, net als ik, inmiddels een jaar of tien koestert, valt er ook op het zesde album van Cate Le Bon weer verschrikkelijk veel te genieten.

Erwin Zijleman

Je kunt Pompeii beluisteren en bestellen op de Bandcamp pagina van Cate le Bon:

https://catelebon.bandcamp.com/album/pompeii

Thursday, 10 March 2022

Soon. Soon

With the pre-released track Komodo Dragon Soon was found on this blog for the first time. The long, instrumental track struck me with awe and fear at the same time. The music was adventurous, yet unrelenting. Beautiful and ugly, pleasant and overwhelming. So many contrasts and all within minutes. What was lying in front of me when the album dropped on my doormat? I'll admit not daring to put it on straight away and certainly not when my beloved is in the house. 'So, where are you with the album?', you might be inclined ask.

Soon is a duo. Guitarist Liú Mottes, and also a member of Blue Crime and Slow Worries and "interdisciplinairy soundmagician" Jochem van Tol. Together they must have decided to explore their extremes and at times found the middle road in a track resembling a song. The result is the album 'Soon', a musical adventure that demands a truckload from its listeners, but nothing so extreme that listening becomes unbearable. In my case that's easily foreseeable with music like this.

The first album of this kind I ever heard was Absolute Elsewhere's 'In Search Of Ancient Gods' based on the books by Erich von Deniken. For a long time it was the only album I ever heard in its kind. Then I was exposed to Kairos, the radio programme on Concertzender and the soundscapes there certainly prepared me for 'Soon'. In fact, it is quite easy to digest and even enjoy.

'Soon' opens with soundscapes in 'Winter Swells'. More non-music than music in the traditional sense. 'Winter Swells' is an exploration in sounds and pulses, somehow presented as music, as there are sounds and I can listen to it. 'Twilight' is a combination of sounds and a song structure. Soon found several beautiful melodies, together making up a composition. It could be a movie soundtrack but one that is fine to listen to without the music. At some point the drums kick in, only to truly set the mood in the next song, 'Wollomi Pine'. For the first time a loud, somewhat distorted guitar takes the lead, with Mottes exploring her instrument and effect pedals in a predominant way. Soon moves into postrock territory here. The, again, instrumental track takes the listener along through different moods, including a 'Tubular Bells' like sequence. With a very basic bass guitar playing one note repeatedly, relentlessly even, at a time, until a chord change comes and another note is played over and over. 'Wollomi Pine' takes 7 and a half minute and is not one second too long. A lot happens in the composition, including weird sounds and effects near the end.

With 'Pool' the exasperated listener is offered a dreamy song. A very alternative version of Donna Blue. Mottes' singing style and echo on her voice resembles Danique van Kesteren's. The song is too restless to be called a point of rest in the traditional sense. As everything is relative, 'Pool' is that point of rest in the middle of 'Soon', together with 'Minimal'. Expect looped sounds before the mood goes down and a more dreamy song unfolds. It is spiked with sounds and treated conversation. Absolute Elsewhere for the 21st century 'Minimal' is. Again, 'Minimal' is far from a conventional song, but it totally captures me. Liú Mottes and Jochem van Tol created something special here.

Those who needed had their rest, all others are more than ready to dive into 'Cleopatra'. The guitar is distorted close to the point of the sound falling apart. Van Tol is working his keyboards, in a very slow way. Where the guitar was going out of bounds, the keyboards only plays slow notes. The difference is estranging and at times hard to connect to.

Soon is a project. On the face of it, the project certainly succeeded. With its album the duo fascinates from beginning to end. 'Soon' is full of surprises, just like I expected, but never for a moment I have the inclination to run away. When with 'T'iju T'iju' it tends to become too much, I know that 'Komodo Dragon' will soon come. On average, I'm mesmerised by the twist and turns taken, surprised many a time and yes, at times exasperated. The question does remain: when to play 'Soon'? On the other hand my beloved has surprised me several times with what she indicated to like. So who knows?

Wout de Natris

Monday, 29 March 2021

Vertigo Days. The Notwist

Ik ben nooit heel gek geweest op de muziek van The Notwist, maar het deze week verschenen Vertigo Days blaast me keer op keer van mijn sokken en wordt alleen maar mooier en indrukwekkender.

Het is een tijd stil geweest rond The Notwist, maar met Vertigo Days levert de band uit het Duitse Beieren deze week een bijzonder indrukwekkend album af. Invloeden uit de Krautrock hebben absoluut hun weg gevonden naar het nieuwe album van The Notwist, maar de Duitse band integreert deze invloeden op fascinerende wijze in haar muziek. Het levert een album op dat bol staat van de verrassende wendingen, maar het is ook een album met een aantal wonderschone en behoorlijk toegankelijke songs. Het zijn songs die alle kanten op kunnen schieten en je maar blijven verbazen, maar het zijn ook songs die je vanaf nu alleen maar intens wilt koesteren.

Toen Vertigo Days van The Notwist hier een week of twee geleden op de mat plofte, heb ik het album direct aan de kant gelegd. Ik had tot dusver immers helemaal niets met de muziek van de Duitse band. Ik had niets met de post-hardcore uit de vroege jaren van de band, niets met de elektronica van latere datum en zelf niets of hoogstens heel weinig met het uit 2002 stammende en wereldwijd uitvoerig bejubelde Neon Golden. 

Nu moet ik wel toegeven dat mijn oordeel over de muziek van The Notwist was gebaseerd op een beperkt aantal observaties, want als je eenmaal denkt dat een band niets voor je is, is de neiging om eens uitvoerig naar een nieuw album te gaan luisteren niet zo heel groot. Alle reden dus om ook Vertigo Days onmiddellijk terzijde te schuiven, tot er wel heel veel vijfsterren recensies opdoken en ik toch nieuwsgierig werd naar de nieuwe verrichtingen van de Duitse band. 

Negentien jaar geleden leverde dat bij beluistering van Neon Golden vooral teleurstelling op, maar dit keer liep het totaal anders. Al binnen enkele minuten was ik overtuigd van de kwaliteit van het nieuwe album van The Notwist en toen ik het album helemaal had gehoord, lag ook bij mij het woord meesterwerk op de lippen. Inmiddels ben ik een aantal luisterbeurten verder en Vertigo Days is eigenlijk alleen maar mooier en indrukwekkender geworden. 

De Duitse band heeft tijdens haar inmiddels ruim dertig jaar durende carrière al flink wat genres verkent, maar op Vertigo Days zoekt de band het vooral dicht bij huis. Invloeden uit de Krautrock spelen immers een belangrijke rol op het nieuwe album van The Notwist. Dat betekent overigens niet dat Vertigo Days ook een flinke stap terug zet in de tijd, want de band heeft invloeden uit de Krautrock gemoderniseerd en geïntegreerd in een geluid dat toch vooral eigentijds klinkt. 

Vertigo Days bevat voor een belangrijk deel popsongs met een kop en een staart, maar tussen die kop en die staart mag flink geëxperimenteerd worden. Het levert hier en daar betoverend mooie klanken op, die vervolgens worden gecombineerd met invloeden uit de elektronische muziek en de Krautrock. Atmosferische klanken krijgen gezelschap van meedogenloze ritmes, van een explosie van patronen en bijzondere geluiden en hier en daar van mooie vrouwenstemmen, die een fraai alternatief bieden voor de Duitse tongval van zanger Markus Archer. 

Het is razend knap hoe alle verschillende stromen waaruit de muziek van The Notwist bestaat steeds weer samen komen in songs die bol staan van het experiment, maar op een of andere manier toch aanstekelijk klinken. Het is minstens net zo knap hoe The Notwist steeds weer kan beginnen bij de pioniers van de Krautrock of de elektronische popmuziek uit Duitsland, maar in no time toch weer een of meerdere decennia later uit weet te komen. 

Soms blijft het hangen in de postpunk uit de jaren 80, soms in de popmuziek uit de jaren 90, maar The Notwist maakt ook de muziek van het heden en de toekomst. De bijzondere ritmes voorzien het album van heel veel tempo en dynamiek, waarna met name de elektronica de wat industrieel aandoende ruimtes mag vullen met heel veel moois. 

Vertigo Days sprankelt en betovert 49 minuten lang en sluit geweldig af met gastbijdragen van Juana Molina en Zayaendo, die dit prachtalbum nog een extra zetje omhoog geven. Absoluut een van de meest bijzondere releases van het prille muziekjaar 2021.

Erwin Zijleman

Je kunt Vertigo Days hier luisteren en bestellen:

https://thenotwist.bandcamp.com/album/vertigo-days

 

of luister naar onze Spotify Playlist om uit te vinden waar we over schrijven:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

 

Thursday, 4 February 2021

Highway Hypnosis. Spill Gold

Spill Gold is een Amsterdams duo dat met Highway Hypnosis een bijzonder fascinerend album heeft afgeleverd, dat op avontuurlijke wijze invloeden uit onder andere de elektronica, postpunk, Krautrock en psychedelica aan elkaar smeedt.

Nina de Jong en Rosa Ronsdorf maakten al eens diepe indruk met Elephanta van Bird On The Wire en herhalen dit kunstje met het totaal anders klinkende maar eveneens indrukwekkend mooie Highway Hypnosis van Spill Gold. De twee Amsterdamse muzikanten maken indruk met een eigenzinnig elektronisch geluid dat hier en daar een voorliefde voor Kraftwerk verraadt en combineren dit met avontuurlijk drumwerk, prima zang en songs die je direct overtuigen, maar die ook altijd iets ongrijpbaars houden. Soms kil en bijna industrieel, soms donker en dreigend, soms zweverig en veelkleurig. Spill Gold heeft met Highway Hypnosis een even intrigerend als prachtig album afgeleverd.

Nina de Jong en Rosa Ronsdorf zijn twee Amsterdamse muzikanten die hun sporen in de muziek al ruimschoots verdiend hebben en nu de krachten hebben gebundeld in het duo Spill Gold. Het is overigens niet de eerste keer dat we de twee muzikanten samen op een album tegenkomen, want Rosa Ronsdorf en Nina de Jong maakten een paar jaar geleden deel uit van de Amsterdamse band Bird On The Wire, die in 2016 met Elephanta, zeker achteraf bezien, een van de allermooiste albums van 2016 maakte. 

Bird On The Wire omschreef haar muziek in 2016 als “dreamkraut” wat gezien de invloeden uit zowel de dreampop als de krautrock geen gekke omschrijving was, al sleepte de band er op Elephanta nog veel meer bij. Voor de muziek van Spill Gold is gekozen voor een wat minder krachtige omschrijving: “Spill Gold masterfully juxtapose darkness and light, playfulness and control, enhancing the transcendental character of the material at hand”. Het zegt mij niet zoveel en dit in tegenstelling tot de muziek van het tweetal dat met Highway Hypnosis een bescheiden meesterwerk heeft afgeleverd. 

Ik heb zelf nog even nagedacht over een beter alternatief, maar iets als “postKraftKraut” is net zo nietszeggend. Laten we het er maar op houden dat de muziek van het Amsterdamse duo niet met een paar woorden is te vangen. 

Highway Hypnosis, tot mijn verrassing al het tweede album van Spill Gold, opent direct fantastisch met Beast Machine Alien, dat flarden postpunk combineert met buitengewoon inventief drumwerk, elektronische klanken en wat onderkoelde vocalen. Spill Gold laat zich, net als Bird On The Wire beïnvloeden door muziek uit de hoogtijdagen van de Krautrock, maar wanneer de elektronica aan het einde van de track aanzwelt hoor je flarden Kraftwerk voorbij komen en wordt de muziek van de Duitse elektronica pioniers definitief de 21e eeuw in getrokken. 

Ik hoor wel wat raakvlakken met de muziek van Bird On The Wire, maar waar de Amsterdamse band vaak warm en dromerig klonk, schudt Spill Gold je steeds ruw wakker met muziek die meer dan eens industrieel klinkt. Dat heeft deels te maken met de elektronica op het album die lijkt weggelopen uit het verleden en ruwer klinkt dan de elektronica uit het heden. 

Het wordt steeds weer prachtig gecombineerd met avontuurlijk drumwerk en met vocalen die naadloos opgaan in de muziek. Highway Hypnosis klinkt soms groots en koud, maar kan ook zeker lichtvoetig en warm klinken. Spill Gold citeert overigens bedoeld of onbedoeld met grote regelmaat uit de catalogus van Kraftwerk, maar voegt hier op fraaie wijze de eigen identiteit aan toe. 

Het prachtalbum van Bird On The Wire wist ik pas na tijden op de juiste waarde te schatten en toen ik het album eerder vandaag beluisterde was het nog veel beter dan in mijn beleving. Highway Hypnosis van Spill Gold zou wel eens net zo’n album kunnen zijn. Het is een album waarop iedere track weer anders klinkt en het zijn tracks die overlopen van avontuur, zeker als het Amsterdamse duo haar elektronische geluid ook nog eens overgiet met flarden psychedelica. 

Iedere keer als ik naar dit album luister hoor ik weer nieuwe dingen en ben ik nog wat meer onder de indruk van het bijzondere muzikale universum dat Nina de Jong en Rosa Ronsdorf hebben gecreëerd. Het zal niet meevallen om aan het einde van het jaar op te vallen met nieuwe muziek, maar als er een album is dat dit verdient is het Highway Hypnosis van Spill Gold. Wat een geweldige verrassing.

Erwin Zijleman

Je kunt Highway Hypnosis hier luisteren en bestellen:

https://knekelhuis.bandcamp.com/album/spill-gold-highway-hypnosis

 

of luister naar onze Spotify Playlist om uit te vinden waar we over schrijven:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

 

 

Sunday, 5 April 2020

Julliet. En Attendant Ana

En Attendant Ana maakte een veelbelovend debuut, maar maakt met haar tweede album alle beloften waar met volstrekt onweerstaanbare gitaarpop vol invloeden.

Bij Frankrijk denk je aan doorleefde chansons of aan zwoele zuchtmeisjes, maar niet in eerste instantie aan een gitaarplaat die zich genadeloos opdringt en vervolgens leuker en leuker en onweerstaanbaarder en onweerstaanbaarder wordt. En Attendant Ana uit Parijs heeft deze gitaarplaat gemaakt en wat is het een goede gitaarplaat geworden. De Franse band haalt haar inspiratie uit meerdere genres en durft buiten de lijntjes te kleuren. Het geweldige gitaarwerk op het album past uitstekend bij de wat onderkoelde zang en de fraaie accenten van onder andere trompet. Onweerstaanbaar lekker, maar je hoort ook telkens weer nieuwe dingen. Prachtplaat.

En Attendant Ana is een band uit Parijs die twee jaar geleden debuteerde met het absoluut interessante Lost And Found. Het frisse en energieke debuut van de Franse band stond bol van de belofte, maar uiteindelijk rammelde het album me net wat teveel om ook op de wat langere termijn interessant te blijven. Ik was echter wel heel nieuwsgierig naar het tweede album van de band.
 
Bij beluistering van Juillet kon ik al vrij snel concluderen dat En Attendant Ana de belofte van haar debuut meer dan waar maakt op haar tweede album, waarop flinke stappen of zelfs reuzenstappen worden gezet. Op Juillet heet de band uit Parijs haar frisheid en energie behouden, maar verder is eigenlijk alles beter.
 
En Attendant Ana verwerkt op Juillet een bonte mix aan invloeden. Invloeden uit de postpunk, indie-rock en indie-pop domineren, maar ook invloeden uit de dreampop, lo-fi, shoegaze en zelfs Krautrock hebben hun weg gevonden naar het aanstekelijke geluid van de band, waarin ook nog plek was voor een beetje Franse verleiding.
 
Juillet heeft een voorkeur voor uptempo gitaarsongs en het zijn gitaarsongs die even melodieus als gruizig klinken, wat associaties oproept met alle bovengenoemde genres. De mooie gitaarlagen in het geluid van de Franse band combineren fraai met de wat onderkoelde zang van frontvrouw Margaux Bouchaudon, die bij herhaalde beluistering van het album steeds meer indruk maakt.
 
En Attendant Ana maakt op Juillet energieke en aanstekelijke popsongs die makkelijk verleiden, maar het zijn ook nog eens popsongs die buiten de lijntjes durven te kleuren, op een manier waarop Stereolab dit ook durfde. Hier en daar worden de gruizige gitaren gecombineerd met een trompet of snijdt een new wave orgeltje door het gitaargeluid van de band, maar Juillet is vooral een gitaarplaat.
 
Het klinkt allemaal zo fris en energiek dat En Attendant Ana al vanaf de eerste noten een gewonnen wedstrijd speelt, maar hoe goed de Franse band op haar tweede album is, heb je dan nog lang niet gehoord. De aanstekelijke popliedjes van de band uit Parijs worden leuker en leuker, de instrumentatie op het album wordt steeds overtuigender, terwijl de gitaarlijnen alleen maar onweerstaanbaarder worden, net als de zang van Margaux Bouchaudon.
 
Er zijn de afgelopen jaren natuurlijk heel veel bands die teruggrijpen op genres als postpunk, dreampop, shoegaze, 90s indiepop en rock en lo-fi, maar En Attendant Ana klinkt wat mij betreft toch net anders dan de meeste van haar soortgenoten. Juillet is net wat eigenwijzer en een stuk aanstekelijker en dat is een mooie combinatie.
 
De band uit Parijs walst, net als haar debuut, met een stoomwals over je heen, maar laat dit keer genoeg te ontdekken over. Iedere keer als ik naar Juillet van En Attendant Ana luister ben ik nog wat meer overtuigd van de klasse van de Franse band en nog wat meer verliefd op de bijzondere popliedjes van de band. Er verschijnt deze weken zo idioot veel dat het voor een obscuur Frans bandje niet mee zal vallen om de aandacht te trekken, maar het tweede album van En Attendant Ana verdient deze aandacht absoluut. Wat een heerlijk album.

Erwin Zijleman

Je kunt Julliet hier luisteren en kopen:

https://enattendantana.bandcamp.com/album/juillet


of luister naar onze Spotify Playlist en ontdek waar we over schrijven:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Wednesday, 27 November 2019

Diabolique. L'Épée

De gelegenheidsband L’Épée met onder andere The Limiñanas in de gelederen bezweert en verwondert met een buitengewoon fascinerende mix van invloeden en genres.

Shadow People van de Franse band The Limiñanas was voor mij de grote verrassing van 2018. Sindsdien heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van de band ontdekt en aan dit oeuvre kan nu het debuut van L’Épée worden toegevoegd. In de gelegenheidsband, die verder bestaat uit producer Anton Newcombe en actrice Emmanuelle Seigner, spelen Marie en Lionel Limiñana wat mij betreft immers de hoofdrol. L’Épée tekent op Diabolique voor een fascinerende mix van garagerock, psychedelica, shoegaze, filmmuziek, Krautrock en nog veel meer. Het is niet zo gek ver verwijderd van de muziek van The Limiñanas, maar voegt ook weer een bijzondere dimensie toe. Het levert een even fascinerend als heerlijk album op.

Het Franse duo The Limiñanas haalde met het weergaloze Shadow People de hoogste regionen van mijn jaarlijstje over 2018. Shadow People was mijn eerste kennismaking met de muziek van Marie en Lionel Limiñana en smaakte naar veel en veel meer.
 
Dat meer kwam vorig jaar in de vorm van de verzameling restjes I've Got Trouble in Mind, Vol. 2 en inmiddels heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van The Limiñanas ontdekt.
 
Dit jaar hoopte ik op een nieuw album van het duo uit het Franse Perpignan, maar in plaats van een nieuw album van The Limiñanas, krijgen we een album van de gelegenheidsband L’Épée voorgeschoteld.
 
L’Épée is een samenwerkingsproject van Marie en Lionel Limiñana en de Franse actrice en zangeres Emmanuelle Seigner (die overigens ook te horen was op Shadow People), waarna de van The Brian Jonestown Massacre en zijn samenwerking met Tess Parks bekende Anton Newcombe aanschoof als producer.
 
The Limiñanas staan al bekend om hun bonte mix aan invloeden en genres, maar de samenwerking met Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe voegt nog wat dimensies toe aan het al zo unieke geluid van het tweetal, dat in de publiciteit rond het debuut van L’Épée helaas wat in de schaduw staat van de rockster en de actrice.
 
The Limiñanas waren al niet vies van invloeden uit de Franse filmmuziek en deze hebben op Diabolique van L’Épée aan terrein gewonnen. Zeker wanneer Emmanuelle Seigner haar teksten op even wulpse als onderkoelde wijze voordraagt, waan je je op de set van een duistere Franse film, maar ook de andere tracks op het album hebben een beeldend en benevelend karakter.
 
The Limiñanas zijn met hun muziek schatplichtig aan zowel The Velvet Underground als Serge Gainsbourg en invloeden van beiden zijn goed te horen op Diabolique. Het wordt gecombineerd met de ook op de albums van The Limiñanas hoorbare invloeden uit de garagerock, de shoegaze en de psychedelica. L’Épée voegt vervolgens nog wat invloeden uit onder andere de filmmuziek (zowel Frans, Italiaans als Amerikaans), de elektronica, de Krautrock en de 60s pop toe aan het al zo bonte palet.
 
De veelheid aan invloeden en intensiteit van de muziek zou bij de meeste bands zonder enige twijfel te veel van het goede zijn, maar wanneer Marie en Lionel Limiñana aan het roer staan is het genieten, terwijl Anton Newcombe het lo-fi achtige geluid van The Limiñanas net wat heeft opgepoetst.
 
Diabolique is over de hele linie niet zo heel ver verwijderd van de muziek die Marie en Lionel Limiñana samen maken, maar voegt door de bijzondere accenten en de bijdragen van Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe ook wat toe. Ik heb The Limiñanas na het fantastische Shadow People heel hoog zitten, maar ook het debuut van de gelegenheidsband L’Épée smaakt weer naar veel meer.

Erwin Zijleman


Luister naar onze Spotify Playlist en ontdek waar we over schrijven:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Thursday, 23 May 2019

Dury Dava. Dury Dava

Today three album reviews. This is number two, from Greece. We started out with music with the brakes firmly on. Now brace for adventure, folks.

Dury Dava's self-titled album is an adventure. It is an album where should an opera singer have entered in the middle of the mix, I would not have been surprised. It would have been a musical experiment of which dozens come by on Dury Dava.

Don't ask me if Dury Dava is good. It just is. It's a gigantic effort that has been pulled off fully, completely and leaves me exhausted, yet, perhaps oddly, satisfied. There are no dull moments, certainly strange ones but also exhilarating ones. Like I said: it just is.

On this album a lot of noise comes by. Loud, shredding guitars, over pounding drums and a pumping bass, with a singer shouting sounds. African noises are mixed through the song. In the next song a jazzy clarinet or something like it, drives a song on melodically, while all the instruments sort of go about there way in a totally loose structure. Not unlike in Bowie's 'Blackstar', but far looser and more experimental. 'Triptych' could be the music in an erratic movie where the lights keep changing the camera is held frantically, Unwatchable for normal eyes, but by closing my eyes I can follow the impossible movie through the music. Something eastern enters the clarinet solo, while the band slowly works towards a solid explosion that dutifully arrives.

Of course I can't look into the rehearsal room of Dury Dava, but I have the impression that there are no rules. Any band member can come with an idea or develop one while playing together and take the original idea in a totally other direction. When the others agree it works, that is where and when the next step is contemplated.

Promo photo: Eftychia Vlachou
What is Dury Dava? It is a band from Athens in Greece, a five piece consisting of Karolos Berahas (bass, keys, synth), Giorgis Karras (electric guitar, dilruba), Dimitris Mantzavinos (vocals, electric guitar, bouzouki), Dimitris Prokos (clarinet, synth) and Ilias Livieratos (drums, percussion). Together they rehearse in a basement and this is the outcome. Mostly live recorded tracks that mine influences from decades long before these men were born. Singer Mantzavinos sings in his own language, so it is anybody's guess what he's singing about, but it may well be that it would be hard to understand him would he have sung English. It is more about the melody that the words is my impression.

The music is as eclectic as the cover art. At times it sounds like symphonic rock albums from the early 70s and not much later all references are yours to decide. One thing is clear, it is impossible to predict what will happen next on this record. Dury Dava surprises every single minute of its first album. Some parts the listener just have to sit through, other parts are brilliant, others simply totally weird and the changes happen within each song. As I wrote a true musical adventure. It just is.

Wo.

You can buy Dury Dava here:

https://inner-ear.gr/news/pre-order-dury-dava-self-titled-debut/


or listen to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Reward. Cate le Bon

Today we have three records again. The first one is released tomorrow and rather confuses our Wo. Let's start in Wales.

Let me start by saying that I think Reward is an interesting album and in some parts even good album. Yet, I find myself unable to warm to it in any way. How come? Before I continue I refer to my first sentence to make you understand that this is not about negativity. Otherwise I would not have taken the effort to gather my thoughts and try to find a route into my confusion caused by Reward.

So, how come? In nearly every song I feel alienated. As if Cate le Bon makes every effort to either confuse me or to drive me away. There are so many estranging effects in the songs, that make it hard for me to keep listening. An intro can be quite nice, like in 'Daylight Matters', only to be sliced apart once the song properly begins. A duo like Carol Cleveland Sings is able to do the same, yet keep up the flowing melody.

Another part is in Cate le Bon's voice, although I find that I can live with it in the end. Something I can get used to. This may just go for the whole album. Perhaps I have to get used to it more by investing time in it. Listening to so many records, that could prove a challenge if I'm not won over fast.

Promo photo
Listening to Reward again, I do start to notice little ways in. The production is modest, with only elementary effects. Take the eastern, Chinese music effects in 'Home To You', reminding me slightly of 'China Girl' and the soundtrack of 'Merry Christmas, Mr. Lawrence'. Like a solitary flower in the desert the Eastern melody comes forward in true glory. Having mentioned two Bowie references already, 'Blackstar' comes to my mind a few times as well. The poor men's version and I mean this in a positive way as Reward is at times pleasantly empty. It has the same daring experimentation with sounds, rhythms and instruments like Bowie's final album.

'Mother's Mother's Magazines' is one of the songs that has a tendency to make me feel jittery. What does it want from me? Everything seems to be at work to drive me out. Despite the fact that I discern some Zappaesque musical jokes at work here, the song simply gets on my nerves.

Reward to me is a strange album and yet, and yet. It also has its moments that are very much worth while listening to. I let you decide for yourself from here on (something you need to do always, of course).

Wo.

You can buy Reward here:

https://catelebon.bandcamp.com/album/reward


or listen to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g


Sunday, 26 August 2018

Pasar De Las Luces. Mint Field

Mint Field is een duo uit het Mexicaanse Tijuana en bestaat uit Estrella Sanchez en Amor Amezcua. De eerste speelt gitaar en zingt, de tweede drumt en bespeelt de synths.
 
Estrella Sanchez en Amor Amezcua zijn allebei pas 21 jaar oud, maar desondanks speelt het tweetal al vier jaar samen. Met hun muziek trokken ze de aandacht van een Amerikaanse producer, waarna in Detroit het debuut van Mint Field werd opgenomen.
 
Bij Mexico denk ik aan van alles en nog wat, maar niet direct aan de muziek die de twee jonge Mexicaanse muzikanten maken op Pasar De Las Luces. Op het debuut van Mint Field domineren invloeden uit de dreampop, maar zijn ook invloeden uit de shoegaze, slowcore, psychedelica, noiserock en Krautrock horen.
 
Het is muziek die ik zoals gezegd niet direct associeer met het Mexicaanse Tijuana, maar na beluistering van het debuut van Mint Field weet ik dat Estrella Sanchez en Amor Amezcua in deze genres niet alleen uitstekend uit de voeten kunnen, maar ook nog eens iets toevoegen aan alles wat er al is.
 
Uit de dreampop heeft het Mexicaanse tweetal de onderkoelde en melodieuze gitaarlijnen geleend en ook de heerlijk dromerige zang is ontleend aan het genre dat in de jaren 90 tot bloei kwam. Vergeleken met de meeste andere bands in het genre houdt Mint Field het tempo nog net wat lager, waardoor de muziek van het tweetal ook raakvlakken heeft met de slowcore.
 
Ook in vocaal opzicht durft Mint Field zich buiten de gebaande paden te begeven en kiest het niet alleen voor Spaanstalige teksten, maar ook voor nog net wat ijlere zang dan gebruikelijk. Het levert vocalen op die herinneringen oproepen aan de wijze waarop Julee Cruise aan het begin van de jaren 90 het eerste seizoen van Twin Peaks voorzag van een ijzige sfeer.
 
Door het net wat lagere tempo en de ijle vocalen is Mint Field al niet de zoveelste band die op makkelijke wijze met de erfenis van de dreampop aan de haal gaat, maar Estrella Sanchez en Amor Amezcua hebben nog meer bijzonders te bieden. Zeker in de wat langere tracks benevelt Mint Field je met herhalende gitaarpatronen die niet alleen doen denken aan de slowcore en de noiserock, maar hier en daar ook ontleend lijken aan de smaakmakers uit de Krautrock.
 
Het is knap hoe twee jonge muzikanten zoveel invloeden verwerken in hun muziek en het is nog knapper wanneer je je bedenkt dat het gaat om jonge muzikanten die waarschijnlijk zijn opgegroeid in een hele andere scene (waarmee ik de muziekscene van Tijuana mogelijk enorm tekort doe).
 
Het is hier bovenop nog eens fascinerend met hoeveel gevoel de twee Mexicaanse muzikanten muziek maken. Hier en daar worden gitaarmuren opgebouwd, maar meestal is de muziek van Mint Field verrassend subtiel en gevoelig. Het geeft de plaat een hele bijzondere sfeer, die je meevoert naar sprookjeswerelden met meestal een wat duister karakter.
 
Zeker wanneer je wordt gegrepen door de bijzondere klanken op Pasar De Las Luces, en die kans is behoorlijk groot, stijgt het debuut van Mint Field al snel naar grote hoogten. Natuurlijk ben ik een liefhebber van dreampop en aanliggende genres, maar de benevelende werking van de muziek van Estrella Sanchez en Amor Amezcua is zo groot dat veel meer muziekliefhebbers aan de zegekar van de Mexicaanse meiden moeten kunnen worden gebonden. Het levert een werkelijk wonderschone plaat vol avontuur en betovering op. Een diepe buiging is op zijn plaats.

Erwin Zijleman

Je kunt Pasar De Las Luces hier beluisteren en kopen:

https://mintfieldil.bandcamp.com/album/pasar-de-las-luces


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Sunday, 20 May 2018

Rooms / Ruins. Flying Horsemen

De Belgische band Flying Horseman maakte de afgelopen jaren al een aantal zeer goed ontvangen of zelfs bejubelde platen, maar desondanks is het deze week verschenen Rooms / Ruins pas mijn eerste kennismaking met de muziek van de band uit Antwerpen.

Het is een kennismaking die ik niet snel zal vergeten, want wat is het eerder deze week verschenen Rooms / Ruins een indrukwekkende en bijzondere plaat.

De Belgische band neemt je op haar nieuwe plaat 65 minuten lang mee naar desolate en voornamelijk aardedonkere oorden.

Flying Horseman maakt muziek die het daglicht maar moeilijk kan verdragen en het is muziek die zich vaak langzaam voortsleept. In de stemmige openingstrack hoor ik flarden Tindersticks, Japan en het vroege Roxy Music en worden beeldende klanken gecombineerd met stemmige vocalen.

In de tweede track kiest Flying Horseman voor het eerst nadrukkelijk het experiment en smeedt het op knappe wijze invloeden uit de Afrikaanse muziek, de minimal music, de Krautrock en de ambient aan elkaar. Het levert muziek op die hier en daar raakt aan de invloedrijke platen van Peter Gabriel uit de jaren 80 of aan de platen van Talking Heads uit de late jaren 70, maar Flying Horseman laat ook een duidelijk eigen geluid horen, dat zich vanuit het niets ook kan laten beïnvloeden door Kraftwerk of King Crimson (Robert Fripp is sowieso een naam die genoemd moet worden).

Het is een eigen geluid dat het experiment zeker niet schuwt en dat razend knap in elkaar steekt, maar Flying Horseman slaagt er ook in om het experiment te combineren met stemmige popsongs die vrij makkelijk overtuigen en die zich steeds genadelozer opdringen.

Het zijn popsongs die heel veel kracht ontlenen aan de bijzondere sfeer die de band uit Antwerpen op Rooms / Ruins creëert. Het is een sfeer die refereert aan de nacht en aan vooral desolate oorden en het is een sfeer die een wat vervreemdende of zelfs beklemmende uitwerking heeft op de luisteraar.

Het maakt van beluistering van Rooms / Ruins een bijzondere en ook bijzonder intense luisterervaring. Zeker bij beluistering met volledige aandacht hoor je hoe verschrikkelijk veel er gebeurt in de bijzondere muziek van de band uit Antwerpen. De gitaarlijnen zijn van een enorme schoonheid, de synths zetten je steeds op het verkeerde spoor, terwijl de vrouwenstemmen op de achtergrond je er steeds weer bij slepen.

Flying Horseman put hierbij nadrukkelijk uit de archieven van de popmuziek, maar smeedt ook op fascinerende wijze tot dusver niet gecombineerde invloeden aan elkaar. Ik heb al een hoop namen genoemd in deze recensie, maar hoe vaker ik naar Rooms / Ruins luister hoe meer ik hoor. Flarden Portishead, American Music Club, Nick Cave, Brian Eno en zo kan ik lang doorgaan. Het knappe is dat Flying Horseman op hetzelfde moment muziek maakt die zijn gelijke niet kent.

Rooms/Ruins schiet van vol, experimenteel en eclectisch naar uiterst sober en stemmig en weer terug en blijft maar imponeren met songs van een wonderbaarlijke schoonheid en intimiteit. Ik heb nog steeds moeite om de muziek van de Belgische band volledig te duiden, maar dat de nieuwe plaat van de band er een van een uitzonderlijk hoog niveau is weet ik inmiddels zeker.

Rooms/Ruins van Flying Horseman zal misschien niet iedereen bevallen, maar iedereen zou op zijn minst even moeten luisteren. Het heeft mij een plaat opgeleverd die me nu al dagen nieuwe dingen laat horen en die steeds meer indruk maakt.

Erwin Zijleman


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Monday, 17 April 2017

Bowie in Berlin, a conversation for three

Former Hansa Studio, Berlin
On 20 March Wo. received an e-mail from Mark with the title "Focus switches to Berlin". What about Focus and Berlin, I thought, still thinking that we were discussing Dutch progrockers Focus,as  published recently on this blog. Instead the discussion focused on Bowie's Berlin period and a tour Mark went on when visiting the German capitol. All the Berlin pictures were made by Mark Carvell.

Mark, 20 March:
I had some spare time in Berlin on Saturday after attending a G20 digital economy conference the previous day and decided to join a Bowie walking tour. The German guy explaining things was very expert so I learnt a lot in particular how Bowie ended up in Berlin rather than Dusseldorf which was the main centre of German electronic music (Kraftwerk, Neu! etc). Berlin was important for youth culture and avoiding military service but it was not where it was happening musically - so Berlin was a surprising choice to live and record actually. But Berlin is uniquely Berlin - and Bowie enjoyed the low profile there and got his life back on track after his years in LA when despite all the fame and world tours, he was pretty much broke on coke.

First main spot on the walking tour were the Hansa studios which are near the glitzy redeveloped Potzdamerplatz - a couple of my photos attached. The guide is holding a photo of how the studios looked in mid-70s when the neighbourhood was a wasteland right on the Cold War front line of the Wall. We were only able to go into the ground floor lobby of the studio so I did not go up the stairs to the "Meistersaal" which is a big old dining hall behind the large Greek columns facade in the photo where the "Heroes" track was actually played and recorded, making maximum use of the hall's excellent acoustics.

Meistersaal
My photo of the Meistersaal interior is a photo of a photo in a downstairs display panel: the room is used mainly for dinner events now - but with working recording studios still in use in the nearby rooms. There is a separate tour of the inside of the studios but that was not available in the time I had - have to do that next time! -  http://musictours-berlin.com/bowie-berlin-walk  and https://www.theguardian.com/music/2013/jan/13/bowie-berlin-sturm-drang-wall  (Thilo Schmied is the guy I got in touch with to enquire about visiting Hansa Studios). Iggy Pop also recorded here, and U2: the first sessions for Achtung Baby (which did not go well - band was trying to find its way again).

The guy leaning out of the back window in the photo is looking towards where the watchtower with the guards was as in the Heroes lyric - but it is all redeveloped now with office blocks etc so you have to imagine it. The guy was actually telling us to halt die Klappe because they were recording! Still a special spot in the history of music though!

Unfortunately I ran out of time to get my flight home so I had to drop out of the last part of the tour which was to take the U-bahn to Bowie's apartment in Schöneberg district; not much to see there apparently but there is a plaque: https://www.theguardian.com/music/2016/aug/22/david-bowie-berlin-plaque-commemorates-singers-time-in-city   - and the local clubs and bars where he would hang out. I might do that on my next G20 trip!

I wasn't a glam fan or big on Ziggy but have most of Bowie's records starting with Station to Station - including a German language version of Heroes: "Helden". The Berlin guide said that so bad is Bowie's pronunciation it is difficult for a native speaker to understand what he is singing! He also did a French language version - again mainly to promote the album (as The Beatles did with "Komm Gib Mir Deine Hand") . Bowie's lifestyle stabilised in Berlin and he cleaned up on his drug  addictions: Low and Heroes made him rich again and he left his non-descript Berlin apartment in 1978 to resume world tours and a more fashionable lifestyle in New York.

Wo., 20 March:
Thanks, Mark. If you allow me, I'd like to publish this. The sort of nice addition to what is usually on the blog. Have you seen the Bowie work in progress? All the rarities, covers, cover version, tv shows, etc are being listed. You find it on 8 January 2017 and is expanded every month.

Gary, 20 March:
This is a very interesting account. I must say I am more of a fan of early Bowie’s work up to the Diamond Dogs era, and while I would agree that he remained innovative up to the end his work did not chime so much for me (with the odd exception). I thought his work with Eno and Fripp was very good but maybe just a little too ‘fashionable’ for me (something you would probably agree I never was!). Still Bowie’s music and spirit was/is always a part of me, I grew up listening to his epic works that told me you are young and free…. “Let the children boogie”….

Mark, 20 March:
A friend of mine is a complete Bowie nut and will be interested to check that list - for accuracy!

Wo., 20 March:
Sounds like someone who ought to get along with my cousin who is our family Bowie nut and is the editor of the 8 January contribution. (The date is no coincidence.) She put me onto Bowie in the mid 70s for real, but where I just like the guy's music, she has to know and have everything.

I'll respond to your Bowie e-mail tomorrow and then we go online early April.

The guide with 70s photo
Mark, 20 March:
Yes Bowie's Berlin albums must have seemed quite radical and eclectic, mixing songs with short, sometimes doomy or intense instrumentals - influenced by the German electronic bands. You are the only Faust fan I know. RCA must have thought their biggest star was taking huge risks with his global fan base but - unlike Geffen who sued Neil Young for going electronic - they stuck by him.

I was given "Heroes" for my 22nd birthday while living in Rotterdam and  I thought "wow this is the future!"  But then I also noticed my usual record shop suddenly adding a special "new wave" section to their singles rack and Bowie suddenly seemed out of it - literally. The German electronic bands must have been caught off guard too I guess. Kraftwerk hung in there with those short catchy songs and robots. Some new German bands appeared on the scene: it was a struggle to spell Einstürzende Neubauten after taping them off a John Peel programme and needing to list it on the C90 inlay card! They were from Berlin by the way - so by the 1980s after Bowie and Iggy Pop had left, something was happening in the city. 

Wo., 21 March:
For me Bowie is someone who has nearly always been in my musical awareness. When I was 9 he scored his first hit with 'Space Oddity', a song I just loved and still do. Things went silent for a few years, but I did not forget him. 'John, I'm Only Dancing' e.g. did nothing over here, but is a part of my singles collection since 1972. From 1973 he featured regularly in the singles charts, so I heard all his singles. One of the first albums I bought was 'David Live' in 1976 which brought me somewhat up to speed on all the albums I'd missed.

In 1976 I went to my first rock show in Rotterdam: David Bowie in Ahoy, just after the 'Station To Station' release. That became my second Bowie album and is still my favourite to this day. In 1978 I saw him again in Rotterdam, a fantastic show with loads of 'Ziggy Stardust' songs in there.

Hansa Studio mixing room
His move to Berlin did not go unnoticed, but there was not much that prepared me for some of the music I was hearing in 1978 when I bought both 'Low' and 'Heroes'. I loved the singles. Both 'Sound And Vision' and 'Heroes' are fabulous songs right up to today. So powerful, playful and visionary. 'Low' of course is a sort of hybrid where Bowie both presented fantastic songs and made his move towards (electronic) instrumentals. 'Heroes' is the end station of that development with songs I still do not care a lot about.

I followed Bowie up to 'Let's Dance', the third time I saw him live in 1983, now in stadium form. After that he still had a few great singles, but the albums just were not up to par. Btw, his biggest hits, the #1s here are nearly all collaborations, with Queen, Jagger, Tina, Pat Metheny. How is that in the U.K.? Let's Dance is his only solo #1.

For me his albums remained average, at best, until early 2016. Reading the review I thought this is just another of his experiments that will be slightly disappointing. I bought the album on the day of release any way, on a whim. Something urged me to do so. Don't ask for an explanation. 'Black Star' simply blew me away. One of his best albums and one of the best albums ever made. It remained on repeat the whole weekend and then came that Monday morning.

What went before did not stop me to go see him twice more in 1990 and 2002, again in Rotterdam. The last time, the 'Reality' tour, was somewhat disappointing. He played too many songs from those average albums. I'd decided that I'd seen him enough, not knowing that it would be the last time as I skipped the ArenA show, days before his final show.

Photo: Wo.
The Bowie exhibition last year in Groningen was something I went to not expecting much. It was only then that I understood more of the impact the man had on art, music, style, fashion. Things that I had missed, being too young at the time and totally uninterested in everything not having to do with the music. It was then that I understood how he modelled everything for himself, had total control over all things Bowie, from the very early stages of his career when nobody had ever heard of David Bowie as he still worked as Davy Jones at 16, 17. The man saved everything. Nearly all artefacts came from his own collection. Next to the music that was everywhere as I walked around in my own cocoon, headset on and all. Emerged in Bowie. Life can be worse.

Thanks for the tip on the Bowie tour, Mark. Next time I'm in Berlin I will certainly take it. You are filling my travel itinerary somehow.

Gary, 22 March:
You mentioned Bowie's 'John, I'm only dancing' is one of my all time favourites of Bowie and the '70s era. Strange that it was a B-side single in the UK and doesn't appear on an album.....

Wo., 22 March:
John, I'm Only Dancing was an a-side single here with Hang On To Yourself as a b-side. I also have a 45 released later in the 70s with the version of the Young Americans sessions. I think that was released in 1979 or 80. What was it the b-side of in the UK?

Gary, 22 March:
The B-side was the same here  "Hang onto yourself".

I read that it has been suggested that Bowie wrote the song in response to a derogatory comment made by John Lennon about Bowie's cross-dressing or that it is gay/bi relationship excuse for dancing with a girl. I had no idea at the time as I assumed it was a self-protective narrative between friends where 'Bowie' is assuring his friend that he is not moving onto the girlfriend but "only dancing", something I would have identified with at the time... oh!... obviously I was so innocent then... this would have never occurred to me at the time!

Wo., 22 March:
Same here, Gary. By the time my English was good enough to follow the lyrics, that's what I made of it. Bowie standing in front of a big guy about to beat him up. Something like that.

Wo. , 22 March:
Come to think of it. The last part of the song does sound a bit like he's making fun of this John. No matter what is truth here, they were or were soon to become great friends, I think, with Lennon working with Bowie on 'Across The Universe' and co-writing 'Fame', during those covered by white powder months in L.A.


And so another conversation for three closes. You can find more information on the David Bowie guided Berlin tour here:

http://musictours-berlin.com/bowie-berlin-walk 

Gary Hunt
Mark Carvell
Wo. 

Sunday, 22 January 2017

Apricity. Syd Arthur

De Britse band Syd Arthur kan in de betere Engelse muziektijdschriften inmiddels al enkele jaren rekenen op zeer positieve recensies, maar krijgt buiten Engeland helaas nauwelijks aandacht.
 
Met de kwaliteit van de platen van de band heeft het niets te maken, want zowel On And On uit 2012 als Sound Mirror uit 2014 waren uitstekende platen en ook het onlangs verschenen Apricity is weer een uitstekende plaat.
 
De naam Syd Arthur is ontleend aan de roman Siddhartha van Herman Hesse, maar spreekt ook zeker bewondering uit voor de muziek van Syd Barrett en Arthur Lee (Love). Arthur koppel ik persoonlijk ook aan de gelijknamige plaat van The Kinks, want ook de psychedelische muziek van deze band heeft zeker zijn sporen nagelaten in de muziek van Syd Arthur.
 
Hier blijft het niet bij, want de uit Canterbury afkomstige band citeert uiteraard ook uit de archieven van de zogenaamde Canterbury scene, die een aantal decennia geleden werd aangevoerd door bands als Soft Machine, Caravan, Gong en Hatfield And The North. Ook op Apricity citeert Syd Arthur veelvuldig uit de muziek van een aantal decennia geleden, maar de derde plaat van de Britse band klinkt een stuk eigentijdser dan zijn voorgangers.
 
Het levert een bijzonder geluid op, dat ik niet heel makkelijk niet in een hokje kan duwen. Apricity bevat flink wat invloeden uit de psychedelica uit de jaren 60 en 70, maar gooit ook lijntjes uit richting progrock, Krautrock, jazzrock en folk van weleer, maar ook zeker richting de pop, rock en neo-psychedelica zoals die momenteel worden gemaakt (en hier en daar hoor ik zelfs een voorzichtige flirt met funk en dance).
 
De muziek van Syd Arthur is bij vlagen toegankelijk en lichtvoetig, maar kan ook kiezen voor aan de progrock ontleend experiment. Dit experiment slaat gelukkig nergens te ver door. Heel af en toe ben je de draad wel even kwijt, maar uiteindelijk staan songs met een kop en een staart centraal op Apricity.
 
Het levert een fascinerende luistertrip op die zowel authentiek als eigentijds klinkt, waardoor je steeds heen en weer wordt geslingerd tussen een aantal decennia popmuziek. Tijdens deze luistertrip valt er heel wat te genieten. Zo is de ritmesectie onnavolgbaar maar swingend, is het gitaarwerk prachtig melodieus en zorgen met name de viool en keyboards van Raven Bush (een neef van Kate) voor prachtige uitstapjes richting de progrock en Canterbury scene, waarbij opvalt dat Syd Arthur veel warmer klinkt dan de meeste van zijn soortgenoten. 

In Engeland weet men de muziek van Syd Arthur inmiddels al drie platen op de juiste waarde te schatten, maar om dit pareltje kunnen we ook in Nederland niet heen.

Erwin Zijleman

Je kunt hier luisteren naar 'Apricity':

https://www.youtube.com/watch?v=CSs8MrEq3PY

Thursday, 24 March 2016

The Expanding Flower Planet. Deradoorian

Angel Deradoorian was de afgelopen jaren te horen op platen van onder andere Dirty Projectors, Slasher Flicks en Flying Lotus, maar maakte eerder dit jaar als Deradoorian haar eerste soloplaat.
 
The Expanding Flower Planet is een krankzinnige maar ook buitengewoon fascinerende plaat geworden.
 
Deradoorian gaat op haar eerste soloplaat aan de haal met invloeden uit de wereldmuziek, complexe ritmes en volop bijzondere geluiden. Het levert een fascinerend muzikaal landschap op waarin werkelijk van alles gebeurt en waarin je constant op het verkeerde been wordt gezet.
 
Angel Deradoorian voorziet de bijzondere klanken en tegendraadse ritmes van overtuigende en over het algemeen makkelijk in het gehoor liggende vocalen, wat zorgt voor een bijzonder contrast. Dat contrast is overigens ook in de vocalen zelf te vinden, want de mooi verzorgde vocalen worden heel incidenteel afgewisseld met ruwe kreten of ontsporende koortjes.
 
The Expanding Flower Planet is zeker geen alledaagse plaat, maar heel ontoegankelijk is de muziek van Deradoorian ook weer niet. De Amerikaanse muzikante met Armeense roots begint meer dan eens aan een popliedje met een kop en een staart, maar slaat vervolgens zoveel wegen in dat je het spoor wel eens bijster bent. Heel vervelend is dat niet, want er is heel veel moois te horen op The Expanding Flower Planet.
 
Het afwisselend organisch en elektronisch klinkende geluid op de plaat is lang niet altijd terug te brengen tot benoembare instrumenten, wat het magische effect van deze plaat nog eens versterkt. 
In alle wegen die Deradoorian in slaat komt ze de nodige invloeden tegen. De invloeden uit de wereldmuziek heb ik al benoemd, maar The Expanding Flower Planet citeert ook net zo makkelijk uit de Krautrock, de klassieke muziek of de hedendaagse indie-rock of avant garde.
 
Het debuut van Deradoorian klinkt uiteindelijk totaal anders dan elke andere plaat die je dit jaar hebt gehoord en dat is een groot goed. Heel lang wist ik niet of ik het nu mooi moest vinden of niet, maar bijzonder was het vanaf de eerste luisterbeurt. Nu enkele puzzelstukjes op hun plek zijn gevallen hoor ik ook de schoonheid van de plaat. Die kan nog wel eens flink gaan groeien, want ook na talloze keren horen liggen de meeste puzzelstukjes nog los.

Erwin Zijleman

Je kunt hier luisteren naar 'Komodo':

https://www.youtube.com/watch?v=vaH_cA5LsCk
 
of kopen op Bol.Com