Saturday, 14 March 2026

Some Kind Of Control. Ruby Gill

Some Kind Of Control van Ruby Gill is een album dat begin vorig jaar helaas nauwelijks is opgemerkt, maar het is een album van een bijna onwerkelijke schoonheid, waar je alleen maar ademloos naar kunt luisteren.

Ruby Gill werd geboren in Zuid-Afrika, maar werkt tegenwoordig vanuit het Australische Melbourne. Daar maakte ze het ruim een jaar geleden verschenen Some Kind Of Control. Het is een indrukwekkend mooi album met vooral ingetogen songs, die worden gedragen door piano of gitaar. De muziek is sober, maar ook indringend en intens en dat geldt ook voor de zang van Ruby Gill, die beschikt over een prachtige stem. Some Kind Of Control is geen album dat via TikTok de wereld gaat veroveren, maar in andere bubbels verdient Ruby Gill echt alle aandacht. Bij eerste beluistering was ik geroerd door de intieme songs en sindsdien is Some Kind Of Control me extreem dierbaar geworden.

Ik weet niet eens meer waar ik het album precies tegen kwam, maar in een persoonlijk jaarlijstje dat ik vond op het Internet zag ik negen albums die ook hoog genoteerd staan in mijn eigen lijstje en Some Kind Of Control van Ruby Gill. Inmiddels weet ik dat het mij tot voor kort totaal onbekende album ook niet had misstaan in mijn jaarlijstje, want Ruby Gill heeft een fascinerend album gemaakt. 

Het is het tweede album van de singer-songwriter die werd geboren in het Zuid-Afrikaanse Johannesburg, maar inmiddels Melbourne in Australië als thuisbasis heeft. Some Kind Of Control is de opvolger van het in 2022 verschenen debuutalbum I'm Gonna Die With This Frown On My Face, dat alleen met de titel al de aandacht had moeten trekken. 

Die aandacht trekt Ruby Gill ook met de bijzondere titels van de songs op haar tweede album. Titels als How Chimpanzees Reassure Each Other en Room Full Of Human Male Politicians maakten me op voorhand al heel nieuwsgierig naar de muziek van Ruby Gill en ze heeft me zeker niet teleur gesteld. 

De muzikante uit Melbourne kan uit de voeten met de piano en de gitaar en dat zijn de twee instrumenten die centraal staan in de meeste songs op Some Kind Of Control. Het zijn songs die redelijk sober tot bijna minimalistisch zijn ingekleurd, wat de songs voorziet van een bijzondere sfeer. 

Het is een sfeer die niet direct is te koppelen aan een bepaald genre, want Ruby Gill slaagt er in om steeds anders te klinken. In een aantal songs maakt de Zuid-Afrikaanse muzikante folk zoals deze meerdere decennia geleden in de heuvels rond Los Angeles of in San Francisco werd gemaakt, maar Some Kind Of Control kan ook ruw en rafelig klinken, wat af en toe doet denken aan de muziek van PJ Harvey. 

De muziek op het tweede album van Ruby Gill is redelijk sober, maar met beperkte middelen wordt een maximaal effect verkregen. Zowel de piano als de gitaren kunnen donker of zelfs beklemmend klinken en voorzien de songs van Ruby Gill van een bijzondere onderhuidse spanning. 

Het kleurt prachtig bij de stem van de muzikante uit Melbourne, die ook alle kanten op kan. In de meer folky songs op het album hoor ik flarden van folkies uit de late jaren 60 en vroege jaren 70, maar de zang van Ruby Gill doet me af en toe ook denken aan Fiona Apple, wat overigens niet betekent dat de stemmen van de twee op elkaar lijken. 

De vergelijking met Fiona Apple heeft vooral te maken met het wat donkere en vooral zeer intense geluid van Ruby Gill, die direct vanaf de eerste noten van Some Kind Of Control alle aandacht opeist. De songs op het album zijn sober en intens, maar ook rauw en puur en het zijn songs die zich behoorlijk stevig opdringen. 

Bij eerste beluistering van het tweede album van Ruby Gill was ik diep onder de indruk van haar songs en inmiddels een week of twee verder is mijn liefde voor het album alleen maar gegroeid. Ruby Gill heeft een singer-songwriter album gemaakt van een soort dat tegenwoordig nauwelijks meer wordt gemaakt. 

Het is een album met een intimiteit en intensiteit die je bij de strot grijpt, maar de Zuid-Afrikaanse muzikante weet je ook steeds weer te verrassen, bijvoorbeeld met de bijzondere koortjes op het album, die af en toe herinneren aan haar geboortegrond, maar ook door binnen haar songs met grote stappen door genres en door de tijd te stappen. Luister naar Some Kind Of Control van Ruby Gill en je bent verkocht.

Erwin Zijleman

 

Je kunt Some Kind Of Control hier luisteren en bestellen:

https://rubygill.bandcamp.com/album/some-kind-of-control-2

Friday, 13 March 2026

The Set Up. The Delines

On stage in Rotterdam singer-songwriter Willy Vlautin told us that after he had heard Amy Boone sing a single ballad, he decided there and then that he would write songs for her. Here we are many years later, realising he was totally right.

Just about a year ago The Delines released 'Mr. Luck & Ms. Doom'. Vlautin kept bringing songs in that did either not fit that album or needed reworking. The result is The Set Up. Just as in his novels, a Richmond Fontaines show in Leiden to this day is the only show I went to coming home with a book instead of an album, most song are about situations from the so-called other side of the tracks. The Delines turn these observations from life into melancholy tracks, that could have been soul ballads in the mid 1970s.

This comes through in the slower tempo of the tracks, the warm organ sound, the soulful electric guitar and the warm, slightly ruffled voice of Amy Boone. The combination makes The Delines a somewhat anachronistic band, yet one that is extremely pleasant to listen to.

I'll own up to never have heard much in this band. If Chris Eckman, formally of The Walkabouts, had not played a support act for The Delines in April last year, I would never have started to listen to the band's music. From a band to pass up on, I went to whoa, a new The Delines album already. That show was so good and atmospheric. Coming home, I heard that vibe immediately in 'Mr. Luck & Ms. Doom', that I had missed scanning that and previous albums superficially, and now again in The Set Up.

I am not going to single out individual tracks. The one may be a little slower, the other has more horns, the next is more piano than organ based, but all have a late night bar atmosphere where the band does a last slow song for the insomniacs and night cats. Unwind with The Delines by listening to The Set Up.

Wout de Natris - van der Borght

 

You can listen to and order The Set Up here:

https://thedelines.bandcamp.com/album/the-set-up 

Thursday, 12 March 2026

These Fighting Machines. Katherine Priddy

Singer Katherine Priddy from Birmingham, U.K., recently released her third album and finds herself on WoNoBlog on the basis of this album. Both her previous albums, 'The Pendulum Swing' (2024) and 'The Eternal Rocks Beneath' (2021) are here as well. Yet, I have to admit that the name Katherine Priddy did not ring a bell.

On 'The Pendulum Swing' I wrote, in a most positive way, that the album was one to fall asleep to. One to play on a headset in bed before falling asleep, as I used to do a long, long time ago. These Fighting Machines does not give me that feeling. No, it is is not an invigorating up tempo album. Katherine Priddy is a singer-songwriter who operates in the mid tempo range and always presents a listening experience without obvious effects. Where effects are used, they are modest, tasteful and like modest adornments in a private home.

For These Fighting Machines Priddy worked with producer Robert Ellis, known for his work with P.J. Harvey and Anna Calvi, to mention two. Should everything be stripped away, there would be the folky voice of Katherine Priddy and an acoustic guitar. From there the songs are built up to what I'm listening to right now. Opening song 'Matches' shows that basis regularly, but opens with modern day, crackling atmospherics and a soft but deep drums percussion. From there different instruments enter and leave the song, to put accents where deemed important. In the meantime Katherine Priddy soars higher and higher, just like she's singing about learning to fly. "The witches" come home to roost in this song, as they have matches too.

Photo: Matty Deveson
'Matches' is the "heaviest" track on the album. Many of the songs are singer-songwriter with obvious folk elements, but firmly in a modern way. There is no U.K. folk nostalgia for the The Fairport Convention era here. Katherine Priddy is for the 21st century alright.

Her voice is the dominant instrument on These Fighting Machine. Harmonising with herself she adds extra colour to her album. The bio accompanying the album shares that this is the "most sonically varied of her career" and I immediately believe the statement. This album is rich, at times even lush in sound. Priddy and Ellis did not mind adding an extra instrument, percussion and vocals to the songs.

The result is a warm album. These Fighting Machines is a fine sonic experience that allows the listener to slow down time and only absorb the music, leaving all else behind. The kind of album a person needs every once in a while in hectic and interesting times like these.

Wout de Natris - van der Borght

 

You can listen to and order These Fighting Machines here:

https://katherinepriddy.bandcamp.com/album/these-frightening-machines 

Wednesday, 11 March 2026

Mosquito. Hater

Hater can be found on this blog for nearly ten years, but I noticed that the Malmö, Sweden based band's last album was reviewed by Erwin Zijleman. Translated to English he wrote in 2023 that "'Sincere' is considerably better than the already good, yet dreamy 'Siesta'". Well, I copy his words here, as I think Mosquito is better yet again.

The band, Caroline Landahl, Måns Leonartsson, Adam Agace and Rasmus Andersson, delivers (again) with its latest album. The mix between the dreamy and indie pop-rock is just about perfect. The album opens with the poprocker 'Landslide', where the rock is supported by atmospheric sounds that pop in and out of the track. Landahl puts herself right in the middle claiming the song as hers. She shows her different voices in the harmonies, making the song sound varied, with the full support of the band. 'Landslide' is the kind of song that makes me prick up my ears straight away, moving into full listening mode.

The contrast with 'Angel Cupid' is considerable. The tempo goes down, an electronic rhythm leads the way assisted by something close to sleigh bells, without creating a Christmas vibe. The bass driven intro of 'This Guy?' creates a rock vibe that the rest of the song does not necessarily have. It is somewhere in between, with the bass and drums going for it and the rest of the band appear to be dreamy. And then the lead and rhythm guitars joins in, making the song ever tougher, while not disturbing Caroline Landahl's mood. As I wrote before in week 51 of last year, 'This Guy?' just grows and grows.

Quite often I write some more on an album. In the case of Mosquito that is not necessary. Hater continues along the line of the three songs described in the above. If you put them on and like what you are hearing, I assure you you will enjoy the rest of the album as well. Hater delivers full time, balancing between the three corners of its triangle, pop, indie and rock.

Wout de Natris - van der Borght

 

You can listen to and order Mosquito here:

https://hatermalmo.bandcamp.com/album/mosquito 

Tuesday, 10 March 2026

DOGA. Juana Molina

Juana Molina maakt inmiddels al zo’n 30 jaar hele bijzondere muziek, wat een stapel unieke albums heeft opgeleverd, waar deze week, na een stilte van acht jaar, het bijzonder mooie DOGA aan wordt toegevoegd.

Het is knap hoe de Argentijnse muzikante Juana Molina de afgelopen 30 jaar albums met een volstrekt uniek eigen geluid uitbrengt. Het zijn albums die zich in theorie flink ver buiten mijn muzikale comfort zone bewegen en die het experiment stevig omarmen, maar op een of andere manier is de muziek van Juana Molina niet ontoegankelijk. Ze heeft de tijd genomen voor haar nieuwe album DOGA en dat hoor je, want het nieuwe album van Juana Molina loopt over van de goede ideeën. Al die goede ideeën moet je even laten landen, maar vervolgens is DOGA een album waarnaar je wilt blijven luisteren. Het was veel te lang stil rond de Argentijnse muzikante, maar gelukkig is ze terug.

DOGA, het nieuwe album van de Argentijnse muzikante Juana Molina, verscheen in dezelfde week als LUX, het inmiddels in opvallend brede kring erkende meesterwerk van ROSALÍA. Beide albums zijn voor een belangrijk deel Spaanstalig en bijzonder eigenzinnig, maar waar LUX met een ongekende hoeveelheid 5-sterren recensies de hemel in is geprezen, bleef het relatief stil rond DOGA, al merkte een deel van de Britse muziekpers het album gelukkig wel op, met de eretitel ‘album van de maand’ in het Britse muziektijdschrift Uncut als hoogtepunt. 

Nu heeft Juana Molina natuurlijk niet dezelfde status al wereldster ROSALÍA, maar de muziek van de Argentijnse muzikante schreeuwt al wel een aantal jaren om aandacht. Ik vond de muziek van Juana Molina bij de eerste kennismaking bijzonder, maar niet echt mijn ding, maar al snel raakte ik in de ban van Segundo (2000), Tres Cosas (2002), Son (2006) en Un Día (2008). De afgelopen twaalf jaar was ik misschien nog wel meer onder de indruk van haar vorige twee albums, Wed 21 uit 2013 en Halo uit 2017. Op het eerstgenoemde album schuurt de Argentijnse muzikante hier en daar tegen de folkpop aan, terwijl het tweede album wat experimenteler van aard is en meer invloeden uit de Latin muziek bevat. 

Het laatste album van de muzikante uit Buenos Aires was inmiddels acht jaar oud, maar met DOGA is eindelijk weer een nieuw album verschenen. Ook DOGA is een eigenzinnig album dat niet past in bestaande hokjes, maar net als Wed 21 en Halo is het ook een album dat een groot deel van de tijd best toegankelijk mag worden genoemd, al is toegankelijk in het muzikale universum van Juana Molina een relatief begrip. 

Op DOGA heeft de Argentijnse zich vooral omringd met elektronica, die in verschillende gedaanten uit de speakers komt. De ingezette elektronica is soms tegendraads en schurend, maar tekent op hetzelfde moment voor zwoele ritmes, die de Latin invloeden in de muziek van Juana Molina aan de oppervlakte brengen. Het doet af en toe wat psychedelisch aan, maar Juana Molina is ook niet vies van dromerige klankentapijten. 

DOGA krijgt hier en daar ook het album folktronica opgeplakt en daar is wel wat voor te zeggen, al maakt Juana Molina, mede door de Spaanstalige teksten, folktronica die geen aanknopingspunten biedt met andere albums in het genre. DOGA is vanaf de eerste noten een spannend album dat de fantasie heel stevig prikkelt. Veel tracks op het album zijn lang tot zeer lang, waardoor de tien songs in 55 minuten muziek, maar zelden aansluiten bij de toegankelijke popsongs met een kop en een staart. 

En toch is DOGA een album dat lekker in het gehoor ligt en goed is voor een spannende maar ook aangename luistertrip. Het is een luistertrip waarin heel veel valt te ontdekken, want achter de lagen elektronica zitten ook nog fraaie gitaar- en strijkerspartijen verstopt. De arrangementen op DOGA zijn zeker niet alledaags, maar wat zijn ze mooi en bijzonder. Het is misschien even wennen aan de bijzondere klanken, maar wanneer je eenmaal in de flow van het album komt, laat de muziek van Juana Molina je niet makkelijk meer los. 

In muzikaal opzicht is DOGA een fascinerend album en het is een album dat aan kracht wint door de bijzondere zang van Juana Molina en haar Spaanstalige teksten. DOGA wordt hier en daar net als LUX van ROSALÍA een meesterwerk genoemd en daar is wat voor te zeggen. Nu maar hopen dat Juana Molina met haar nieuwe album de aandacht trekt, al is het maar een fractie van de aandacht die haar Spaanse collega de afgelopen weken krijgt.

Erwin Zijleman

 

Je kunt Doga hier luisteren en bestellen:

https://juanamolina.bandcamp.com/album/doga