maandag 12 april 2021

Major League Heavy-Rock. Hellamor / Red Stone Chapel

"Friends, you have seen the heavy groups and now you will see morning maniac music. Believe me, it's a new dawn", Grace Slick says in the intro of 'Volunteers' on the original soundtrack of Woodstock. What would she have said, had she heard Hellamor diving headfirst into 'Fallen Saint' from its split maxisingle with Red Stone Chapel, just before Jefferson Airplane had to go on? Words would probably not have sufficed.

I was reminded of Grace Slick's introduction to Jefferson Airplane's performance on Max Yasgur's farm because of the title of the album, Major League Heavy-Rock. This is heavy music alright, but totally on my good side. For a simple reason, Hellamor plays a song and so does Red Stone Chapel. A song that is played fast, loud and ferocious, with howling guitars and one grunting singer, but songs they are.

This has to do with, although technically a lot happens in the songs, the brunt is not on pyrotechniques in either riffing or playing, but on melody. In this I have a slight preference for Hellamor, mostly because of the singing that is. Both bands guard their deep end as if it is the treasure of the universe. Only when that defence is up, are other sounds allowed to escape.

Hellamor and Red Stone Chapel are German bands that are around for close to two decades respectively more than a decade, but have not recorded many albums over those years. They do perform regularly together, at the time, and from there the idea rose do make a split record together and let the fans know that they are still around.

Hellamor kicks the album off with four songs, starting with the epic 'Fallen Saint'. This song caught me immediately. It is tremendously rock solid. The kind of song that knows no doubt. What you hear is what you get and don't even think about something else. The brute force takes everything over. Not being a true metal fan, I do hear influences ranging from Black Sabbath, AC/DC to Van Halen guitar shrieks. The other three songs fall into this category as well. The songs are so hard rocking, but I can't help totally liking them. 'I Can Hear It' is a song I may even like better than 'Fallen Saint'. Great accenting in the riffs giving the song even more pace.

Red Stone Chapel shares two studio songs and two live songs to side B. At first I had a harder time listening to the songs, because of the way of singing, that moves closer to grunting, alternating with a bass voice not coming close to Till Lindemann's. Let's say I'm happy not to have to sing this way. It took two listening sessions to realise that Red Stone Chapel also plays songs. The kind of riffs Led Zeppelin played from a blues angle, hardrockified. What I started to notice, is how the band works with dynamics. Keep in mind that the band has three guitarists, and a bass player, when you listen to 'The Paper King'. Then you understand how good this band is at reticence. Playing in a band myself, I know how hard it is to make someone not play or less, including myself ;-). Next I noticed the great melodies that are played on the lead guitar, supporting the exerting voice of the singer. Deep down, that Led Zeppelin blues groove is worked into the songs of Red Stone Chapel. The harmonica in 'Progress In Work' attests to that, as does the Tom Waits like vocals. Never mind the comic vocal interlude before the chorus goes off.

The live songs show how capably Red Stone Chapel rocks on stage. A Lenny Kravitz like riff kicks off 'Genius Junction', before the lead guitars come in, gracing the song as much as Slash's Gibson Les Paul graced 'Always On The Run'. It goes to show how wide this band is able to reach for influences without losing the hardrocking basis that it dwells in.

Yes, this is a loud record, but there's no reason not to like it for one second.

Wout de Natris


You can listen to and order Major League Heavy-Rock here:

or listen to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

zondag 11 april 2021

Undercover. Bronwynne Brent

Bronwynne Brent kiest op haar derde album vooral voor de soul en de jazz en voor een fraai authentiek geluid dat uitstekend past hij haar stem die op Undercover echt alle kanten op kan.

Bronwynne Brent timmert al een aantal jaren aan de weg, maar met Undercover maakt ze voor het eerst echt indruk. De wat zweverige folk uit het verleden heeft plaatsgemaakt voor een veelzijdige mix van soul, jazz en wat Americana en het is een mix die wordt voorzien van een even authentiek als tijdloos klinkend geluid. Het is een geluid dat prachtig past bij de bijzondere stem van de Amerikaanse singer-songwriter, die lekker stevig en soulvol kan zingen, maar die haar songs ook vol gevoel kan vertolken. Het levert een soulvol album op dat iedere keer dat je er naar luistert weer wat beter is en de concurrentie met andere albums in het genre makkelijk aan kan.

Ik heb het twee keer eerder geprobeerd met albums van de Amerikaanse singer-songwriter Bronwynne Brent, maar zowel Deep Black Water uit 2011 als Stardust uit 2014 wisten me niet volledig te overtuigen. Haar nieuwe album Undercover slaagde daar wel direct in. 

Dat is voor een belangrijk deel te danken aan de koerswijziging van de muzikante uit Greenville, Mississippi. Waar de vorige album van Bronwynne Brent vooral folky klonken, kiest ze op Undercover voor een mix van vooral jazz en soul. Om deze soul zo puur mogelijk te laten klinken toog ze voor Undercover naar de roemruchte Daptone Studios in Brooklyn, New York, en het resultaat mag er zijn. 

Samen met producer Johnny Sangster heeft Bronwynne Brent een authentiek klinkend album opgenomen dat me in eerste instantie vooral deed denken aan Amy Winehouse, bij wie een mix van soul en jazz ook in goede handen was, maar Undercover heeft zich ook laten inspireren door grootheden als Billie Holiday en Nina Simone, om er maar eens twee te noemen. 

Producer Johnny Sangster ken ik persoonlijk vooral van bands als Mudhoney en The Posies, maar ook zijn productie van het derde album van Bronwynne Brent is zeer geslaagd. Het is een productie die vooral doet denken aan muziek uit de jaren 60, maar wanneer het gaat om invloeden uit dit decennium is Bronwynne Brent zeker niet eenkennig. 

De muzikante uit Greenville, Mississippi, opent haar album met een track die niet had misstaan op Back To Black van Amy Winehouse, maar in de tracks die volgen klinkt haar muziek meer jazzy en ook wat psychedelischer. 

Het is muziek die fraai wordt ingekleurd door een competent spelende band, waarvan vooral de drummer als de organist indruk maken. Zeker in de tracks waarin invloeden uit de jazz het winnen van invloeden uit de soul speelt de band behoorlijk subtiel, maar ook nog steeds soulvol. In de tracks waarin soul de hoofdrol speelt is de instrumentatie wat uitbundiger, maar een wall of sound wordt het nooit. 

In muzikaal opzicht klinkt het allemaal bijzonder aangenaam, zeker wanneer ook nog blazers worden toegevoegd, en de songs op Undercover zijn stuk voor stuk tijdloos. Het wordt allemaal nog wat beter door de stem van Bronwynne Brent, die zich steeds uitermate trefzeker aanpast aan de muziek van haar band. 

In de wat meer uptempo songs imponeert de Amerikaanse muzikante met een rauwe soulstrot die net zo overweldigend klinkt als die van Amy Winehouse, maar ze kan ook meer ingetogen en met veel gevoel zingen. 

Nu zijn er wel meer zangeressen die graag de leegte opvullen die niet alleen door Amy Winehouse, maar bijvoorbeeld ook door Sharon Jones is achter gelaten, maar de meeste van deze zangeressen zakken na een aantal tracks door het ijs. 

Bronwynne Brent doet dit niet. Enerzijds door flink te variëren met zowel de instrumentatie als de zang en anderzijds door ver te blijven van invloeden uit de hedendaagse pop en R&B, maar wel invloeden uit de Americana toe te voegen. 

Undercover is een album dat net zo goed een jaar of vijftig à zestig geleden gemaakt had kunnen worden, maar het is op hetzelfde moment een album dat nooit gedateerd of oubollig klinkt. Op basis van de eerste twee albums van de Amerikaanse muzikante had ik geen hoge verwachtingen, maar wat heeft Bronwynne Brent me verrast.

Erwin Zijleman

Je kunt Undercover hier luisteren en bestellen:

of luister naar onze Spotify Playlist om uit te vinden waar we over schrijven:

zaterdag 10 april 2021

This Is Really Going To Hurt. Flyte

Can a band still be unique in 2021? I'm seriously doubting that. Can a band produce a nice to great album in 2021? Without a doubt. Enter Flyte. With it's second album the band caught my attention on first listen and hasn't let go since. With conjuring up happy memories all the way back to Roger McGuinn's nasal singing on The Byrds' first hits. In touching upon a lot of nice music along the way back to 1965, Flyte shows that it knows where to get the best in alternative pop.

With a back catalogue in my home spanning decades, I run into so many references that they are too many to mention. Some will get by later, don't worry. Flyte manages to incorporate these influences in such pleasant ways into its own music that This Is Really Going To Hurt, musically does all but hurt, let alone really. Without ever getting too commercial all sorts of pop music come by that makes Flyte's music spark at the right moments.

Flyte is a London based band that released its first single in 2013. Album 'The Loved Ones' was released in 2017. Somewhere since then the band lost its keyboardist, Sam Berridge. The remaining trio Will Taylor, Jon Supran and Nicolas Hill still harmonise a lot on the new album. Having worked with Courtney Barnett's producer Burke Reid in 2017, the band now went to Los Angeles to record with Justin Raisen, Andrew Sarlo and Ali Chant.

Promo photo
This cooperation results in an album that references CSN&Y in some of the songs containing intricate harmonies, contains The Beatles like string contributions and holds alternative pop in the best tradition of Big Star and Teenage Fanclub. When Flyte rocks in 'There's A Woman', I hear Neil Young's 'Cinnamon Girl' echoing in the song. In other words, nothing is truly straightforward on This Is Really Going To Hurt. Just because the world knows the music of these bands for nearly 30 up to nearly 60 years, we must not forget that bands like The Beatles, CSN&Y or Big Star must have stunned their fans many-a-time in the 1960s and 70s. There's no band that changed its course so many times with groundbreaking songs that we now all call Beatlesque when other bands are influenced. Flyte certainly is among those bands.

Flyte gets away with it all. The trio knows how to write interesting songs and play them in ways that makes them interesting to listen to. Just listen to closing song 'Never Get To Heaven' and be convinced. A good song is a good song, life can be that simple.

Wout de Natris


Listen to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

vrijdag 9 april 2021

Live In The Mojave Desert Vol. 1 Earthless and Vol. 2 Nebula

Recently a set of five live albums reached me, all recorded live in the Mojave desert. Now desert music I associate with Queens of the Stone Age and Chris Goss, in short, a good dose of rock is to be expected. Melodic as well but certainly rock and at times extreme too.

On the three albums that were released this and last week, volumes 1, 2 and 5, these preconceptions were not disappointed. Rock out the three bands do alright. Recorded as livestream events from the desert, the Italian label Heavy Psych Sounds releases the shows as albums.

This week I focus on the first two issues by the bands Earthless and Nebula.

Vol. 1 Earthless

The album contains just three songs and boy does the band rip it up. Earthless is every guitarist's wet dream. Soloing around a few themes just about forever with a bass player and a drummer who love it to keep that powerhouse going for ever and ever. All three must have an internal metronome as tight as the atomic clock and as solid as an Medieval castle because they all fly off in all sorts of directions and always keep time no matter what. Earthless is around for 20 years and has released five studio albums, while this is the band's fifth live album as well. I can imagine that live the band's essence is captured best. Probably because each member on stage has just this little bit more freedom to explore the innermost workings of a composition. Drummer Mario Cubalcaba is able to show off more becoming just a little bit more inspired. Bass player Mike Eginton has to be even tighter as around him all fly off to their own planet. And the wet dream is consummated alright by guitarist Isaiah Mitchell. From the creation of soundscapes to fiery solos, it all comes by. Mitchell can probably play forever if asked. Thousands of hours spent training his fingers and brain have led to knowing his instrument and gear inside out and provided him the confidence to take on any challenge. Undoubtedly he is improvising whole sections of these songs, with main sections to start and end with. One look between the three is enough to make the transition to another theme within a composition. The result is music that one has to like to appreciate and much more so than the general comments made about taste. This music is instrumental and challenging. With 16, 21 and 39 minutes the three compositions seem near endless as well. Pass that post and a world will open, as this is high class instrumental rock. There may be many bands playing this kind of music, I am not familiar with them. My reference here is Jimi Hendrix going off in psychedelic outings like 'Voodoo Chile' or '1983 (A Mermaid I Should Be)' on 'Electric Ladyland'. (Jimi sings as well, I know.) Earthless goes beyond this reference and then some. Like Hendrix is rumoured to have been playing endlessly in studios not finding an exit in his own songs anymore in 1969 and 1970. Earthless has and kicked up a sandstorm in the Mojave.

Vol.2. Nebula

Nebula is a band that barring a seven year hiatus is around since 1997. Isaiah Mitchell of Earthless played bass in the band for a short while. Called a stoner rock band, I find that a lot sounds familiar on Vol. 2. Classic rock elements come by as well as familiar sounds from psychedelic rock. One word is 100% appropriate though: rock. Nebula rocks out on the deep end of its music all of the time. Bass player Tom Davies, a member since 2003, replacing Mitchell, is guarding the deep end almost ferociously. That allows drummer Mike Amster (2017) to play with his rhythms the whole of the time. There's always a moment to side step the basics here with a fill or two or three. Over this rock solid foundation guitarist/singer Eddie Glass, the only founding member left, sings his rather floating melodies and solos away as soon as the song allows him to do so. This results in heavy solos but also in experiments in sound as effect pedals are kicked in and sounds just go off in mysterious directions bouncing off against the different effects, looped or not, to change course once again. Vol. 2 may be a more traditional rock album than Earthless' Vol. 1, the dedication of Nebula to its music is just as great. Rock and roll this is.


The noise in the desert must have been gigantic. I can imagine the lives of the denizens of that desert must have been disturbed in significant ways. Where are the environmentalists to protect them from the serious sonic harm to their local environment? It is time somebody stands up. In the meantime, rock on brothers and sisters.

Wout de Natris

You can listen to and buy Vol. 1 here:

and Vol. 2 here:

or listen to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

donderdag 8 april 2021

Hummingbird. NinaLynn

In plaats van een wereldreis maakte de Nederlandse muzikante NinaLynn een prachtig rootsalbum, dat opvalt door een zeer fraaie instrumentatie, wonderschone zang en ijzersterke songs.

Goede rootsalbums zijn al lang niet meer voorbehouden aan Amerikaanse muzikanten. Het wordt nog maar eens bewezen door het debuut van de Nederlandse singer-songwriter NinaLynn, die een album heeft afgeleverd dat een groot deel van de nationale en internationale concurrentie het nakijken geeft. Hummingbird werd gemaakt met Nederlandse muzikanten en ook die zetten een topprestatie neer, want wat klinkt dit album mooi en veelzijdig. Hummingbird krijgt nog wat extra glans door de bijzonder mooie stem van NinaLynn en de sterke songs die de Nederlandse muzikante heeft geschreven. Wat een aanwinst voor het genre.

Hummingbird is het debuut van de Nederlandse singer-songwriter NinaLynn. Het alter ego van Nina Woerden was al op hele jonge leeftijd bezig met muziek en ontwikkelde een serieus zwak voor Amerikaanse rootsmuziek, variërend van de grote countryzangeressen uit het verleden tot de smaakmakers binnen de huidige countrypop. 

NinaLynn had na het afronden van haar studie eigenlijk hele andere plannen voor 2020, maar de coronapandemie gooide roet in het eten. In plaats van het maken van een wereldreis nam ze daarom haar debuutalbum op. Het is natuurlijk vervelend voor NinaLynn dat de originele plannen moesten wijken voor het virus dat ons leven inmiddels al bijna een jaar bepaalt, maar voor muziekliefhebbers is het verschijnen van Hummingbird goed nieuws. Heel goed nieuws zelfs. 

NinaLynn heeft zoals gezegd al vele jaren een zwak voor Amerikaanse rootsmuziek, waardoor het niet verbazingwekkend is dat Hummingbird zich in dit genre beweegt. Bijgestaan door een aantal gelouterde Nederlandse muzikanten, onder wie multi-instrumentalist en producer Janos Koolen, heeft de Nederlandse muzikante een album gemaakt dat van de eerste tot de laatste noot de Amerikaanse rootsmuziek ademt. NinaLynn heeft zich vooral laten beïnvloeden door folk, country en bluegrass, maar schuwt ook uitstapjes richting omliggende genres binnen de Amerikaanse rootsmuziek niet. 

Hummingbird valt bij eerste beluistering op door een zeer fraaie en veelzijdige instrumentatie en door de mooie stem van NinaLynn. Het is een instrumentatie die hier en daar zo lijkt weggelopen uit Nashville of een andere bakermat van de Amerikaanse rootsmuziek, zeker wanneer de diverse snareninstrumenten die zo kenmerkend zijn voor het genre het geluid bepalen. In deze instrumentatie wordt echter flink gevarieerd onder andere door blazers en strijkers in te zetten. Het maakt van Hummingbird een lekker gevarieerd rootsalbum. 

Het is bovendien een rootsalbum dat een flinke zet omhoog krijgt door de soepele vocalen van NinaLynn. De Nederlandse singer-songwriter heeft een stem die gemaakt is voor Amerikaanse rootsmuziek en binnen dit genre op een breed terrein uit de voeten kan. NinaLynn kan een countrysong vol gevoel en met een lichte snik vertolken, maar kan ook soepel en jazzy klinken of zelfs bijna net zo zuiver en helder klinken als Alison Krauss in haar beste jaren wanneer Hummingbird wat meer de bluegrass kant op gaat. 

Alleen al door de instrumentatie en de zang kan het debuut van NinaLynn zich meten met het beste dat momenteel in de Verenigde Staten in het genre verschijnt, maar de Nederlandse muzikante schrijft ook nog eens uitstekende songs. Het zijn songs waarvoor de meeste countrypop prinsessen van het moment een moord voor zouden doen, maar NinaLynn vertolkt ze met meer gevoel en met meer eerbied voor de tradities van het genre, waardoor Hummingbird kan klinken als een authentiek maar ook als een modern klinkend rootsalbum. 

Het zijn bovendien songs die niet direct alle geheimen prijsgeven, maar nog een tijd aan kracht winnen, waarna alleen maar meer opvalt hoe smaakvol de instrumentatie en hoe mooi de stem van NinaLynn is op dit album. Een enorme aanwinst voor de rootsmuziek in Nederland en ver daarbuiten.

Erwin Zijleman


Luister naar onze Spotify Playlist om uit te vinden waar we over schrijven: