Showing posts with label pop noir. Show all posts
Showing posts with label pop noir. Show all posts

Monday, 10 February 2025

TORSO. Soap&Skin

Soap&Skin staat inmiddels vijftien jaar garant voor uiterst donkere, indringende en dramatische, maar ook bijzonder mooie albums en ook het met louter songs van anderen gevulde TORSO is er weer een.

Albums met alleen vertolkingen van songs van anderen zijn meestal weinig opwindende tussendoortjes, maar het deze week verschenen TORSO van Soap&Skin valt in een andere categorie. Het alter ego van de Oostenrijkse muzikante Anja Plaschg maakte een aantal van de donkerste albums van de afgelopen twee decennia en ook TORSO is zeker niet gevuld met zonnestralen. Ook TORSO is een album waar je tegen moet kunnen, maar als je er tegen kunt is het een fascinerend album met prachtige orkestraties, geweldige zang en vertolkingen van songs die in de meeste gevallen in bijna niets meer doen denken aan de originelen. Het is aardedonker, maar ook bijzonder mooi. Zomaar een van de meest indrukwekkende coveralbums die ik ken.

De Oostenrijkse singer-songwriter Anja Plaschg leverde in 2009 als Soap&Skin een aardedonker album af. Het in het voorjaar van 2009 verschenen Lovetune For Vacuum verdreef in één keer alle zonnestralen en vulde de lucht met gitzwarte wolken. Het debuutalbum van Soap&Skin was niet alleen angstig donker, maar ook wonderschoon, waardoor het album de boeken in ging als een van de meest indrukwekkende albums van 2009.

Wat het album nog wat indrukwekkender maakte, maar wat ook wel enigszins zorgwekkend was, is dat Anja Plaschg het album opnam tussen haar veertiende en haar achttiende. Ook op het in 2012 verschenen Narrow was Anja Plaschg zeker geen lachebekje, maar het album klonk wat minder donker en eerlijk gezegd ook wat minder indrukwekkend dan haar debuutalbum.

Met het in 2018 verschenen From Gas To Solid/You Are My Friend overtrof Anja Plaschg, op dat moment ook een succesvolle actrice, wat mij betreft haar debuutalbum. Ook From Gas To Solid/You Are My Friend was een album met vooral donkere tinten, maar de muziek van Soap&Skin kon ook sprookjesachtig mooi klinken.

De afgelopen zes jaar was het vizier van de Oostenrijkse muzikante gericht op andere zaken, maar eind vorig jaar verscheen er eindelijk weer een nieuw album van Soap&Skin. TORSO bevat bijna een uur muziek en in dat uur muziek komen twaalf songs voorbij. Het zijn allemaal songs van anderen, waardoor het album misschien aanvoelt als een tussendoortje, maar dat is het zeker niet.

Anja Plaschg vertolkte de afgelopen 15 jaar veel vaker songs van anderen, die twee jaar geleden samen kwamen in een op een festival gespeelde set. Ze staan nu ook op TORSO, dat songs bevat van onder andere Sufjan Stevens, Lana Del Rey, Cat Power, Tom Waits, David Bowie (wat een fascinerende versie van Girl Loves Me), The Velvet Underground en The Doors.

Een aantal songs op TORSO moeten het doen met het donkere pianospel en de indringende stem van Anja Plaschg, maar de Oostenrijkse muzikante werkte ook samen met een klassiek ensemble en trekt hier en daar wat beangstigende elektronica uit de kast.

TORSO bevat misschien uitsluitend songs van anderen, maar het is desondanks een typisch Soap&Skin album geworden. Het is wederom geen album om vrolijk van te worden, want de vertolkingen van Soap&Skin zijn behoorlijk intens en indringend en vooral donker van kleur.

Achter alle donkere tinten is echter ook een hoop schoonheid te vinden. De orkestraties op het album zijn behoorlijk dramatisch, maar ook bijzonder mooi. Hetzelfde kan gezegd worden van de stem van Anja Plaschg, die in meerdere songs keihard binnen komt en die enorm is gegroeid sinds haar debuutalbum.

De Oostenrijkse muzikante is er in geslaagd om van alle songs op het album Soap&Skin songs te maken. Het levert een serie songs op die soms zo donker en intens zijn dat je er bijna bang van wordt, maar het is ook razend knap hoe de muzikante uit Wenen de songs zo heeft verbouwd dat ze nauwelijks meer te herkennen zijn.

Ik ben echt niet altijd in de stemming voor dit album, maar dat was niet anders bij Lovetune For Vacuum, Narrow en From Gas To Solid/You Are My Friend. Als ik er wel voor in de stemming ben grijpt TORSO me een uur lang op ongekende wijze bij de strot en worden de vertolkingen van Anja Plaschg alleen maar mooier, bijzonderder en indrukwekkender.

Erwin Zijleman

Tuesday, 12 November 2024

Weather Girl. Jadea Kelly

De Canadese muzikante Jadea Kelly had met haar vorige albums al een groot publiek aan zich moeten binden en laat ook op Weather Girl weer horen dat ze een uitstekend songwriter en groot zangeres is.

Jadea Kelly schakelt op haar albums tot dusver makkelijk tussen Amerikaanse rootsmuziek en pop-noir. Op het deze week verschenen Weather Girl staan de eerstgenoemde invloeden weer eens centraal. Het is een verstandige keuze, want de stem van de Canadese muzikante komt het best tot zijn recht wanneer er flink wat country in haar muziek zit. Jadea Kelly heeft voor haar nieuwe album een serie aansprekende songs geschreven en met name in de wat meer ingetogen songs laat ze wat mij betreft horen wat ze in huis heeft als zangeres en als songwriter. Jadea Kelly is nog behoorlijk onbekend helaas, maar verdient ook met Weather Girl weer alle aandacht.

Ik heb tot dusver wel wat met de muziek van de Canadese muzikante Jadea Kelly, al duurde het even voor ik haar muziek ontdekte. Jadea Kelly debuteerde in 2008 met het album Second Spring, dat niet wordt genoemd op de website van de Canadese muzikante en in Nederland ook niet meer te beluisteren is op de streaming media diensten.

Het in 2010 verschenen Eastbound Platform is dat wel en als ik het album destijds had opgepikt had ik de Canadese muzikante op basis van de wat traditionele Amerikaanse rootsmuziek en de geweldige zang op het album waarschijnlijk een grote belofte voor de toekomst genoemd. Die belofte werd in Canada overigens beloond met een aantal country awards.

Mijn eerste kennismaking met de muziek van Jadea Kelly stamt echter uit 2013 toen Clover verscheen. Op dit album schoof de muziek van Jadea Kelly op richting wat stemmige en melancholische popmuziek, ook wel bestempeld als pop-noir, met flink wat invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek. Met name de zang op Clover was prachtig, maar ook de songs op het album etaleerden het talent van Jadea Kelly.

De Canadese singer-songwriter heeft haar tijd sindsdien verdeeld tussen het Canadese platteland, Nashville en Los Angeles. Het zijn drie plekken die allemaal invloed hebben op het geluid van Jadea Kelly. Op het in 2016 verschenen Love & Lust wonnen de countryinvloeden uit Nashville aan terrein, terwijl op het aan het begin van 2022 verschenen Roses weer wat meer invloeden uit de popmuziek uit Los Angeles boven kwamen drijven.

Op het deze week verschenen Weather Girl komen alle invloeden samen al domineren Canada en Nashville op het album. Het nieuwe album van Jadea Kelly werd voor een belangrijk deel geproduceerd door de Canadese muzikante en producer Jim Bryson, maar in Los Angeles werkte ze ook met andere producers.

Weather Girl bevat vooral songs die laten horen dat Jadea Kelly uitstekend uit de voeten kan met betrekkelijk sober ingekleurde Amerikaanse rootsmuziek. In een aantal wat spaarzaam ingekleurde songs komt haar stem echt fantastisch tot zijn recht, met vocale bijdragen van een aantal bevriende gastmuzikanten als kers op de taart. Ik vond de stem van Jadea Kelly elf jaar geleden al bijzonder mooi, maar de zang op Weather Girl is nog veel mooier.

Invloeden uit de pop hebben wat aan terrein verloren op het nieuwe album van de Canadese muzikante, maar als ze opduiken laat Jadea Kelly horen dat ze ook hiermee uit de voeten kan met haar stem. Wat mij betreft beperkt ze zich in de toekomst echter volledig tot de Amerikaanse rootsmuziek, want in dit genre vind ik zowel de stem van Jadea Kelly als haar songs het meest onderscheidend.

Met haar stem had Jadea Kelly inmiddels al veel bekender moeten zijn dan ze is, maar ook als songwriter maakt ze ook op Weather Girl, waarvoor ze overigens een crowdfunding campagne nodig had, weer makkelijk indruk. Jadea Kelly heeft tot dusver geen gelukkige hand bij het laten ontwerpen van haar cover art, want ook de cover van haar nieuwe album is weer spuuglelijk, maar verder heb ik echt niets aan te merken op Weather Girl, dat elf bijzonder aangenaam klinkende en makkelijk in het gehoor liggende songs bevat, die allemaal flink worden opgetild door de uitstekende zang van Jadea Kelly. Ga dat vooral horen.

Erwin Zijleman

Tuesday, 27 February 2024

Lone Rider. D.C. Maxwell

De Nieuw-Zeelandse muzikant D.C. Maxwell debuteerde afgelopen zomer met Lone Rider, dat direct bij eerste beluistering een onuitwisbare indruk maakt en vervolgens alleen maar indrukwekkender en memorabeler wordt.

D.C. Maxwell uit het Nieuw-Zeelandse Auckland zat een paar jaar geleden nog in een punkband, maar daar is niets meer van te horen op zijn solodebuut Lone Rider. Het album is bij vlagen zeer vol en wat theatraal ingekleurd met flink wat strijkers, maar bevat ook een aantal meer ingetogen momenten, waarin een bijzondere twist nooit ver weg is. Ook de zang van D.C. Maxwell bevat hier en daar het nodige drama, maar de stem van de muzikant uit Auckland tilt het album ook mijlenver op. Dan doen ook de songs op Lone Rider, want wat zit hier veel in en wat beschikken ze over veel groeipotentie. Absoluut een album met jaarlijstjespotentie deze parel van de andere kant van de wereld.

Sinds enkele jaren volg ik ook de Nieuw-Zeelandse muziekscene op de voet en dat levert af en toe geweldige albums op en meestal gaat het om albums die aan deze kant van de wereld maar weinig aandacht krijgen. De laatste maanden viel de oogst uit Nieuw-Zeeland wat tegen, maar deze week verscheen er eindelijk weer een album dat een hele goede kans gaat maken om hoog te eindigen in mijn jaarlijstje over een maand of vier.

Het gaat om Lone Rider van de Nieuw-Zeelandse muzikant D.C. Maxwell. De muzikant uit Auckland maakte in het verleden deel uit van de emopunkband Roidz, die ook in de Verenigde Staten succesvol was, maar met Lone Rider slaat D.C. Maxwell een totaal andere weg in. De Nieuw-Zeelandse muzikant noemt zelf onder andere Scott Walker, Lee Hazlewood en Nick Cave als inspiratiebronnen, maar als ik luister naar Lone Rider dringt vooral de naam van Marc Almond zich op.

Vergeleken met Marc Almond zingt D.C. Maxwell met net wat minder pathos, maar ook de zang van de Nieuw-Zeelandse muzikant is zeer expressief en hier en daar voorzien van het nodige drama. Ik vind Marc Almond een groot zanger en ook van de stem van D.C. Maxwell ben ik zeer onder de indruk. De Nieuw-Zeelandse muzikant vertelt op zijn debuutalbum een aantal aardedonkere verhalen, waarvan er een aantal zeer persoonlijk zijn, en hij doet dit met veel gevoel en expressie.

Alleen door de zang, die ook nog raakt aan die van de briljante Gavin Friday, vind ik Lone Rider al een geweldig album, maar het debuutalbum van de muzikant uit Auckland heeft veel meer te bieden. In vocaal opzicht heb ik zoals gezegd vooral associaties met het rijke oeuvre van Marc Almond en ook in muzikaal opzicht draagt de Britse muzikant relevant vergelijkingsmateriaal aan. Veel songs op Lone Rider zijn immers behoorlijk uitbundig en soms wat theatraal ingekleurd met flink wat strijkers.

Nu vind ik dit soort muziek al snel over the top, maar dat is het debuutalbum van D.C. Maxwell zeker niet. Hier en daar zwellen de strijkers stevig aan en doen ook de blazers een flinke duit in het zakje, maar tegenover de wat steviger aangezette klanken staan ook voldoende ingetogen tot zeer ingetogen passages. Zeker wanneer de songs van D.C. Maxwell wat minder uitbundig zijn ingekleurd en hij ook wat minder expressief zingt, klinkt Lone Ride opeens als een vergeten singer-songwriter klassieker uit de jaren 70 en ook in dit genre weet de Nieuw-Zeelandse singer-songwriter zich makkelijk te onderscheiden.

Dat doet D.C. Maxwell ook zeker met de songs op Lone Rider, want de tien songs op het album zijn van een opvallend hoog niveau. D.C. Maxwell is op zijn eerste album goed voor songs die je onmiddellijk nieuwsgierig maken, die zich vervolgens snel opdringen en die ook nog eens interessanter worden wanneer je ze vaker hoort. In muzikaal opzicht zijn er steeds weer interessante wendingen en fraaie echo’s uit het verleden, maar ook in tekstueel opzicht is Lone Rider een fascinerend album, dat vaak goed is voor een traan, maar soms ook voor een lach.

Muziek uit Nieuw-Zeeland trekt in Nederland zeker niet vanzelfsprekend de aandacht, maar Lone Rider van D.C. Maxwell is een ontstellend goed album, dat ook hier moet worden bedolven onder de positieve woorden. Ik ben na een paar dagen zelf compleet verslingerd aan dit fascinerende album, maar Lone Rider groeit ook nog wel even door de komende tijd.

Erwin Zijleman


Je kun Lone Rider hier luisteren en bestellen:

https://dcmaxwell.bandcamp.com/album/lone-rider

Monday, 19 February 2024

On An Island. Sivert Høyem

Sivert Høyem has a voice like a very nice sun tan, golden brown and smooth. Ever since I encountered 'Industrial Silence' in the very early 2000s, I have followed his career and after the surprise of the first Madrugada album in well over a decade in 2022, in early 2024 he present a new solo album, On An Island. I hear that Høyem knows exactly how to make his voice shine but this does not alter in any way my pleasure of listening to it. Some things are too beautiful to ignore.

On On An Island his music is exactly how I want it to be. Slow, silent, with an eruption here or there, mysterious and that closed up feeling one has in heavy snowfall, when everything sounds different. Sivert Høyem delivers once again, is the short version of this review.

With a voice that is so distinctive, it is hard to distinguish between his solo work and that band. It is possible to make some. His solo music is at the same time less as it is more dramatic. Less, because the guitar work is somewhat less prominent and more because he lays the emotions on a a far more subtle inway. Of course, you will hear a lead guitar drenched in reverb, the slowest surf rock you've ever heard. The cooled down, Norwegian winter emotions are all in his voice.

The album opens with the title song. If there ever was an album where a feeling of relaxation was shared, it is in this opening track. Høyem may want to go to an island, the invitation seems to stand only when there's a will to hand-peddle there, certainly no motorised travel involved here. The music is almost anecdotal, so isolated and slow, with huge silences, apart from this a bit annoying drone that is quite prominent in those silences (unless this is a Spotify extra, which seems more likely). It is the voice, reaching for higher notes, that stands central.

Next, a dark guitar and drums and bass come. Still slow, a real ballad, over which Sivert sings just over the rhythm section in the first verse. 'Two Green Feathers' is a highlight of On An Island. When I close my eyes, the band is in my living room. The sound so clear. Again the distinction is clear. The band is accompanying the singer and not playing with the singer. The accompaniment is of enormous beauty by the way. The ocean he sings about, is one to drown in gladly. 'Two Green Feathers' is a song to disappear in to never return. I am simply in awe.

On An Island manages to keep that level of quality and engagement. One song may be more present than the next, softer or a little louder or more intense, they all have that Høyem touch. And yet, and I have few of his solo albums, On An Island is the closest a solo album has come to the mothership so far. Maybe because of 'Chimes At Midnight' Sivert Høyem has set aside his Madrugada inhibitions and does what he is best at: creating dark, brooding, yet extremely beautiful melancholy music. I offer you to listen to how 'In The Beginning' plays out.

Over the album there are several musical surprises within the well-known context. There are things that only time can tell, but I am of the opinion that On An Island surpasses 'Chimes At Midnight' and may grow into my favourite Sivert Høyem album over time. Pretty soon I will have it in the home for sure and start my true relationship with it.

Wout de Natris