dinsdag 31 juli 2018

Fenfo. Fatoumata Diawara

Ik volg de ontwikkelingen binnen de 'wereldmuziek' (vreemde benaming eigenlijk) zeker niet op de voet, maar zo af en toe pik ik een plaat uit het enorme aanbod in dit genre, overigens met wisselend succes.
 
Al weer zeven jaar geleden was het debuut van Fatoumata Diawara echter een voltreffer. Op Fenfou maakte de (uit Malinese ouders) in Ivoorkust geboren en via het Malinese Bamako uiteindelijk in Parijs terecht gekomen muzikante indruk met muziek die flink wat invloeden uit de Afrikaanse muziek bevatte, maar ook nadrukkelijk aan de haal ging met invloeden uit de folk, jazz en soul.
 
Ik weet niet waarom het zo lang stil is geweest rond Fatoumata Diawara, maar de Malinese singer-songwriter is gelukkig terug met een nieuwe plaat. Waar Fatoumata Diawara op haar debuut zwaar leunde tegen de Westerse folk, jazz en soul, lijkt ze op Fenfo te hebben gekozen voor een wat meer Afrikaans aandoend geluid. Het is een geluid dat in veel tracks net wat uitbundiger klinkt dan de songs op haar debuut, al bied Fenfo ook ruimte aan tracks die betrekkelijk dicht bij het destijds zo bejubelde debuut liggen.
 
Zowel in de wat meer ingetogen als in de wat uitbundigere songs, kiest Fatoumata Diawara niet voor het grote gebaar. In muzikaal opzicht steekt Fenfo buitengewoon knap in elkaar, waarbij een balans is gevonden tussen zonnige of zelfs broeierige klanken en subtiliteit en avontuur. Het maakt van Fenfo een hele interessante plaat, maar ook buiten de fascinerende instrumentatie valt er op de nieuwe plaat van Fatoumata Diawara veel te genieten.
 
De Malinese singer-songwriter zingt wat expressiever dan op haar debuut en kan net zo makkelijk uit de voeten met swingende uptempo songs vol Afrikaanse gitaarlijnen en ritmes als met ingetogen ballads die meer tegen de folk en jazz aan leunen. Het is knap hoe de nog steeds vanuit Parijs opererende muzikante haar songs steeds weer weet te voorzien van verschillende klanken en verschillende vocalen, maar Fenfo is ook nog eens een plaat die een verrassend groot aantal genres en stijlen met elkaar weet te verbinden.
 
Fatoumata Diawara springt hierbij niet van de hak op de tak, maar incorporeert alles dat haar lief is in een totaalgeluid dat ik best uniek durf te noemen. Fenfo slaat een brug tussen Afrikaanse en Westerse popmuziek, maar zorgt er ook voor dat aan beide zijden van de brug dezelfde muziek is te horen. Ook in tekstueel opzicht schijnt Fenfo een interessante plaat te zijn met veel aandacht voor rechten van vrouwen, migratie en armoede, maar dat kan ik uiteraard niet bevestigen.
 
Ik ben zoals gezegd geen kenner of groot liefhebber van wereldmuziek, maar Fenfo van Fatoumata Diawara is een geweldige plaat. Het is een plaat die fascineert, maar het is ook een plaat die heerlijk vermaakt, waarbij het vast helpt dat de temperaturen momenteel tot tropische waarden zijn gestegen.
 
Zeven jaar gelden voorspelde ik Fatoumata Diawara een mooie toekomst, maar de kwaliteit van Fenfo overtreft mijn stoutste verwachtingen. Het levert een plaat op die absoluut behoort tot de smaakmakers binnen de wereldmuziek, maar die ook binnen de muziek in het algemeen met de allerbesten mee kan.

Erwin Zijleman


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

maandag 30 juli 2018

Off White (en Covers). Lotte Kestner

Lotte Kestner is het alter ego van de Amerikaanse singer-songwriter Anna-Lynne Williams, die een enkeling nog zal kennen van de uit Seattle afkomstige band Trespassers William, maar die ik zelf vooral ken van het prachtige Blue Bird Of Happines, dat ik in de eerste week van 2014 ontdekte en recenseerde op Krenten in de Pop.
 
Ik ben Lotte Kestner vervolgens uit het oog verloren, maar heb gelukkig niets gemist. De Amerikaanse singer-songwriter dook immers weer op met de opvolger van het zo bewierookte Blue Bird Of Happiness.
 
Off White ligt in het verlengde van zijn voorganger en omarmt nadrukkelijk het principe ‘less is more’. Off White valt op door een uiterst sobere en zeer stemmige instrumentatie, waarin zo af en toe de strijkers aan mogen zwellen, maar over het algemeen wordt gekozen voor een zeer ingetogen geluid. Het is een geluid dat prachtig kleurt bij de heldere en fluisterzachte stem van Anna-Lynne Williams, die met haar alter ego Lotte Kestner ook dit keer flink wat indruk maakt.
 
Off White valt zoals gezegd op door een sobere en stemmige instrumentatie, maar het is ook een instrumentatie vol melancholie en weemoed. Off White is een plaat die donkere wolken voor de zon schuift, maar het is ook een plaat van een bijzondere schoonheid.
 
Lotte Kestner vertolkt haar wat sombere en donkere songs vol gevoel en heeft met haar intieme en indringende muziek een bijna unheimisch effect op de luisteraar. Het is muziek die het niet zo goed doet bij alle zonnestralen van de afgelopen week, maar de soundtrack voor donkere en wat troosteloze herfst- en winteravonden is gevonden. Zeker de wat donkerdere songs die worden gedragen door sobere piano- of gitaarklanken en de mooie stem van Anna-Lynne Williams, maken makkelijk indruk en staan bij mij garant voor kippenvel.

Er zijn veel vrouwelijke singer-songwriters die gebruik maken van dezelfde middelen als Lotte Kestner, maar er zijn er maar weinig die met hun muziek zoveel invloed uit kunnen oefenen op de gemoedstoestand van de luisteraar. Muziekliefhebbers die gevoelig zijn voor herfstdepressies kunnen door de sobere en vaak wat sombere klanken op Off White makkelijk naar beneden worden getrokken, maar een ieder die vooral de schoonheid ziet van de verkleurende en vallende blaadjes, zal ook worden geraakt door de pure schoonheid en intimiteit van de nieuwe plaat van Lotte Kestner.
 
Off White is zo puur en intiem dat luisteren naar de muziek van Lotte Kestner soms bijna pijn doet, maar het is ook muziek die respect en bewondering afdwingt. Het is knap hoe Lotte Kestner teruggrijpt op stokoude folk, maar ook muziek maakt die eigentijds en urgent klinkt.
 
Het is muziek die heel ver is verwijderd van de shoegaze van de band waarmee Anna-Lynne Williams ooit opdook, maar dankzij de enorme intensiteit en al het gevoel is ook de afstand tot de gemiddelde folkie groot.
 
Lotte Kestner heeft een plaat gemaakt waar je tegen moet kunnen, maar als je eenmaal gewend bent aan de sobere klanken en alle melancholie betovert de verstilde pracht van Off White steeds nadrukkelijker en intenser en valt nog meer op hoe mooi de songs van Lotte Kestner zijn ingekleurd en gezongen. Ik was een paar jaar geleden diep onder de indruk van Blue Bird Of Happiness, maar Off White is nog veel en veel mooier. Prachtplaat.


Off White is overigens niet het enige wapenfeit van Lotte Kestner in 2017, want vlak voor de zomer bracht ze ook al het ruim een uur durende Covers uit.
  Covers bevat, zoals de titel al doet vermoeden, uitsluitend vertolkingen van songs van anderen en het zijn voor een belangrijk deel songs die iedereen mee kan zingen en afkomstig zijn van roemruchte eigenaren als Pink Floyd, Nick Drake, Depeche Mode of Mazzy Star.

Niemand vertolkt songs van anderen zo als Lotte Kestner, want alle songs worden op Covers in haar inmiddels zo kenmerkende geluid gegoten. Ook op Covers domineren sobere klanken, komen fraaie accenten pas na enige tijd aan de oppervlakte en legt Anna-Lynne Williams met haar zo mooie en bijzondere stem een donkere deken over de wereld.
 
Lotte Kestner maakt op Covers van 17, grotendeels bekende songs haar eigen songs en doet dat op de fascinerende en indringende wijze die we van haar gewend zijn. Omdat we het moeten doen zonder de unieke songs van Lotte Kestner, is Covers niet zo indrukwekkend of onmisbaar als Off White, maar de plaat is vele malen beter dan al die andere platen met covers die momenteel verschijnen.

Erwin Zijleman

Je kunt Off White hier beluisteren en kopen:

https://saintmarierecords.bandcamp.com/album/off-white


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

zondag 29 juli 2018

The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea. The Low Anthem

De Amerikaanse band The Low Anthem veroverde in 2009 de harten van de liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek, door op het in dat jaar verschenen Oh My God, Charlie Darwin een geheel eigen draai te geven aan alles dat onder de noemer Americana valt.
 
De band consolideerde de verworven status met het in 2011 verschenen Smart Flesh, maar liet liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek flink schrikken door op het in 2016 verschenen Eyeland de Americana te verruilen voor muziek die vooral werd beïnvloed door psychedelica en zelfs prog-rock.
 
Kort na de release van de plaat sloeg het noodlot toe voor de band. Een ongeluk met de tourbus van de band verwoeste het uitgebreide instrumentarium dat de band meesleepte en verwondde een aantal leden en crew members van de band ernstig.
 
Voorman Ben Knox Miller kwam er als enige zonder serieuze verwondingen af en nam in de twee weken die volgden op het ongeluk met wat oude instrumenten die hij thuis had liggen een eerste versie van de nu verschenen nieuwe plaat van The Low Anthem op.
 
De ruwe demo’s die bij Ben Knox Miller thuis werden opgenomen werden uiteindelijk nog wat opgepoetst met de herstelde bandleden, maar The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea is een intieme en ingetogen plaat gebleven.
 
Het is een plaat die voortborduurt op alle vorige platen van de band, maar het is ook een plaat die totaal anders klinkt dan zijn voorgangers. Veel songs op de plaat hebben een folky basis, maar worden vervolgens ingekleurd met wat ouderwets klinkende elektronica uit het apparaat dat de voorman van de band nog thuis had staan.
 
The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea laat zich, net als zijn voorganger, niet alleen inspireren door folk, maar ook door psychedelica, prog-rock en soft-rock, maar waar Eyeland bij vlagen behoorlijk uitbundig klonk, is de nieuwe plaat van The Low Anthem een erg sobere, maar ook stemmige plaat, die zich mede heeft laten inspireren door het boeddhisme.
 
Ik kon beide kanten van The Low Anthem wel waarderen en ook The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea is een plaat die me onmiddellijk wist te overtuigen. De mix van uiterst ingetogen folky songs met dromerige vocalen en bijpassende elektronica is tegenwoordig gemeengoed, maar waar ik bij de meeste platen waarop deze combinatie domineert makkelijk in slaap val, prikkelt The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea van The Low Anthem genadeloos de fantasie.
 
De nieuwe plaat van de Amerikaanse band valt op door bijzonder lekker klinkende songs en een vaak oorstrelend mooie instrumentatie, maar de plaat is ook getekend door het ongeluk dat Ben Knox Miller nog volop aan het verwerken was toen hij de ruwe schets van de plaat tekende.
 
The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea lijkt een plaat die het moet hebben van stilte en intimiteit, maar wanneer je de plaat wat aandachtiger beluistert, hoor je dat The Low Anthem haar songs heeft voorzien van vele lagen en een enkele dubbele bodem.
 
Het is lastig om je voor te stellen dat dit dezelfde band is als de band die een jaar of negen geleden de traditionele Amerikaanse rootsmuziek opnieuw uitvond, maar muziekliefhebbers met een brede smaak zullen ook de 2018 versie van The Low Anthem zeer kunnen waarderen.
 
The Salt Doll Went To Measure The Depth Of The Sea is een plaat van een band die durft te vernieuwen, wat respect afdwingt, maar de nieuwe plaat van de band uit Providence, Rhode Island, is ook een wonderschone plaat vol songs die zich langzaam, maar zeer zeker opdringen, waarna je hem niet meer wilt missen.

Erwin Zijleman

Je kunt het album hier beluisteren en kopen:

https://thelowanthem.bandcamp.com


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g
 

zaterdag 28 juli 2018

Ruins. First Aid Kit

Het ging tien jaar geleden allemaal wel erg snel voor de piepjonge Zweedse zussen Johanna en Klara Söderberg, destijds nog tieners.
 
Een in de Zweedse bossen gefilmde vertolking van Tiger Mountain Peasant Song van de op dat moment razend populaire band Fleet Foxes werd een wereldwijde YouTube hit, wat de eerste EP van First Aid Kit (Drunken Trees) een enorme boost gaf.
 
Twee jaar later was er het wereldwijd geprezen debuut The Big Black & The Blue, waarna in 2012 het nog veel betere The Lion’s Roar volgde.
 
Het legde uiteindelijk teveel druk op de (te) jonge schouders van Johanna en Klara Söderberg. Op het in 2014 verschenen Stay Gold, overigens zeker geen slechte plaat, verzopen de wonderschone harmonieën van het Zweedse tweetal hier en daar in een net wat te zwaar aangezette productie en niet veel later bleek ook het plezier in het maken van muziek weggevloeid bij de Zweedse zussen.
 
First Aid Kit nam vier jaar geleden een break en keert nu herboren en met flink wat nieuwe levenservaring terug. Met name de wat donkerder getinte levenservaring in het algemeen en de gestrande relatie van Klara Söderberg in het bijzonder hebben hun sporen nagelaten op Ruins, dat donkerder en minder onbevangen klinkt dan de vorige platen van het Zweedse duo.
 
Op Ruins keert First Aid Kit bovendien terug naar de rootsmuziek en behoren de flirts met zoete popmuziek, die op Stay Gold nog een belangrijke rol speelden, grotendeels tot het verleden.
 
Ook Ruins wordt weer gedomineerd door de prachtige vocalen van de zussen Söderberg. Johanna en Klara zingen individueel nog altijd de sterren van de hemel, maar het meeste kippenvel ontstaat wanneer de twee samen tekenen voor harmonieën om van te watertanden. De stemmen van Johanna en Klara vullen elkaar in deze harmonieën perfect aan en geven de songs van First Aid Kit dat beetje extra dat nodig is om op te vallen in het enorme aanbod van het moment. Ruins roept hier en daar herinneren op aan de beter songs van de broers Everly, wat genoeg moet zeggen.
 
Ruins is in vocaal opzicht een fantastische plaat, maar ook in muzikaal opzicht is de nieuwe plaat van First Aid Kit een interessante plaat. Het tweetal dreef op haar vorige plaat wat af richting de pop, maar kiest op Ruins weer vol voor de Amerikaanse rootsmuziek. Het is deels de verdienste van topproducer Tucker Martine, die Ruins werkelijk prachtig heeft ingekleurd en een flinke dosis (alt-)country heeft toegevoegd aan de folky muziek van het Zweedse tweetal.
 
Muzikanten als R.E.M. gitarist Peter Buck en meesterdrummer Glen Kotche voegen nog wat extra glans toe aan de prachtige en verrassend veelzijdige klanken, maar de spotlights op Ruins zijn terecht volledig gericht op de gouden keeltjes van Johanna en Klara Söderberg.
 
De Zweedse zussen maken niet alleen in vocaal opzicht diepe indruk, maar tekenen ook voor songs waarin jeugdige onbevangenheid of naïviteit heeft plaats gemaakt voor diepgang en doorleving. Het maakt van het fraaie Ruins een plaat die behoort tot de beste releases van het begin van het muziekjaar 2018 en die de lat hoog legt voor alles dat nog komen gaat. Ik ben in ieder geval diep onder de indruk van het vocale en muzikale vuurwerk op de wederopstanding van Johanna en Klara Söderberg.

Erwin Zijleman


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

woensdag 25 juli 2018

Historian. Lucy Dacus

Lucy Dacus leverde in de zomer van 2016 met No Burden een prima debuut af. De piepjonge singer-songwriter uit Richmond, Virginia, combineerde melodieuze songs met lekker rauwe gitaarriffs, waarmee ze aansloot bij een aantal veelbelovende jonge vrouwelijke singer-songwriters van dat moment.
 
No Burden was een prima debuut vol belofte en die belofte komt er nu op indrukwekkende wijze uit op de tweede plaat van Lucy Dacus.
 
Ook op Historian verrast Lucy Dacus met geweldige gitaarriffs en hier en daar zelfs een hoge gitaarmuur, maar de Amerikaanse singer-songwriter weet het gitaargeweld dit keer prima te doseren, waardoor ook meer ingetogen passages ruimte krijgen op haar tweede plaat.
 
Het voorziet Historian van meer dynamiek dan zijn voorganger, waardoor de nog altijd bijzonder melodieuze songs van Lucy Dacus nog beter uit de verf komen. Lucy Dacus zocht op haar debuut nog naar een eigen geluid, maar heeft dat op haar tweede plaat gevonden. De songs op Historian klinken zelfverzekerd dankzij het bij vlagen lekker stevige gitaarwerk, maar ook de stem van Lucy Dacus heeft aan kracht gewonnen.
 
Het is een stem met een eigen geluid en het is een stem vol gevoel en dynamiek, waardoor de songs van Lucy Dacus zich makkelijk opdringen. De singer-songwriter uit Richmond, Virginia, sluit met haar tweede plaat aan bij een heel contingent eigenzinnige jonge vrouwelijke singer-songwriters, waaronder de zo geprezen Julien Baker, maar valt ook direct op door het verwerken van uiteenlopende invloeden.
 
Het is niet eens zo makkelijk om hier de vinger op te leggen, want de muziek van Lucy Dacus laat zich lastig vergelijken met de muziek van anderen en verwerkt invloeden uit het verleden bovendien op subtiele wijze. Het is knap hoe ze een rauw en ingetogen popliedje in een paar noten kan laten ontsporen in bijna pompeuze 70s rock, om vervolgens net zo snel weer terug te keren naar de basis. Hetzelfde doet ze ook met invloeden uit de 70s new wave of met invloeden uit de zoete pop van Fleetwood Mac (opeens hoor je dat de stem van Lucy Dacus soms ook behoorlijk lijkt op die van Stevie Nicks), wat goed illustreert welke kanten het zoal op kan gaan.
 
Het maakt van beluistering van Historian een fascinerende luisterervaring, waarbij de liefde voor de bijzondere songs van Lucy Dacus snel groeit. Af en toe heeft het wat van Angel Olsen, soms hoor ik wat van Sharon Van Etten, soms wat van Waxahatchee, maar over het algemeen genomen bewandelt Lucy Dacus toch vooral haar eigen weg. Het is een weg vol kuilen, want de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter kan net zo makkelijk stemmig en melodieus als rauw en stekelig zijn.
 
Historian werkt gemaakt met hetzelfde team dat ook verantwoordelijk was voor het debuut van Lucy Dacus, maar ik hoor een wereld van verschil. Alles dat op No Burden nog voorzichtig in de knop zat, is op Historian tot volle bloei gekomen. De songs van Lucy Dacus verleiden de liefhebber van eigenzinnige vrouwelijke singer-songwriters onmiddellijk, maar groeien hierna nog bijna eindeloos door. Ook in haar teksten laat de Amerikaanse singer-songwriter veel meer diepgang en melancholie horen.
 
Ik heb de plaat zelfs inmiddels al een aantal weken in mijn bezit en ben zeer gehecht of zelfs verslaafd geraakt aan de bijzondere songs van Lucy Dacus, die de kamer kan vullen met prachtig en soms luid gitaarwerk, maar ook uiterst ingetogen het oor kan strelen met fluisterzachte zang. Voor mij de mooiste plaat van het moment en dat zegt wat.

Erwin Zijleman


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

dinsdag 24 juli 2018

Expect The Best. Widowspeak

Widowspeak is een band uit Brooklyn, New York, die met Expect The Best al weer aan haar vierde plaat toe is. De vorige drie zijn me echt volledig ontgaan, maar toen de eerste noten van Expect The Best afwisselend associaties opriepen met Cowboy Junkies en Mazzy Star, wist ik dat Widowspeak een band naar mijn hart is.
 
De associaties met twee van mijn favoriete bands dankt Widowspeak voor een belangrijk deel aan de vocalen van Molly Hamilton, die het beste van Margo Timmins en Hope Sandoval lijkt te combineren.
 
Ook in muzikaal opzicht raakt Widowspeak zowel aan Cowboy Junkies als aan Mazzy Star. Van Cowboy Junkies heeft Widowspeak het fluisterzachte en bezwerende overgenomen, terwijl invloeden van Mazzy Star het geluid van de band hebben voorzien van gruizige, bezwerende en broeierige accenten.
 
Ik heb inmiddels ook naar de eerste drie platen van Widowspeak geluisterd en ook deze zijn zeer de moeite waard. Vergeleken met deze platen kiest de band uit Brooklyn op Expect The Best voor een net wat steviger, donkerder en psychedelischer geluid en dat bevalt me wel.
 
Het predicaat “steviger” moet voor het grootste deel van de plaat overigens flink worden gerelativeerd, want de muziek van Widowspeak vliegt vrijwel nergens uit de bocht. Het wat gruizigere gitaarwerk en de psychedelische sfeer voorzien de muziek van Widowspeak wel van meer dynamiek en zeggingskracht, waardoor Expect The Best vooralsnog mijn favoriete plaat van de band is.
 
Voor het schrijven van de songs voor de nieuwe plaat van Widowspeak keerde Molly Hamilton terug naar de plek waar ze opgroeide, Tacoma in Washington. Het herinnerde haar waarschijnlijk aan de hoogtijdagen van de grunge uit het nabijgelegen Seattle, want in een aantal songs op de plaat klinken subtiele invloeden uit de grunge door. Ook invloeden uit de Americana hebben hun weg gevonden naar het geluid van Widowspeak, wat van Expect The Best een veelzijdige en veelkleurige plaat maakt.
 
Het is een plaat waarvan ik zeer gecharmeerd ben. Gitarist Robert Earl Thomas III en de ritmesectie zetten op Expect The Best een heerlijk zweverig, zompig en atmosferisch geluid neer. Het is een geluid dat varieert van loom tot gruizig en het is een geluid dat uitstekend past bij de voor mij onweerstaanbare stem van Molly Hamilton, die de songs op de plaat een flink stuk optilt.
 
Bij oppervlakkige beluistering kan Expect The Best waarschijnlijk als saai worden ervaren, maar wanneer je je overgeeft aan de bezwerende klanken van Widowspeak staat Expect The Best garant voor een buitengewoon fascinerende luistertrip.
 
Het is een luistertrip die snel wint aan kracht en diepte en die niet onder doet voor het beste werk van de twee hierboven genoemde voorbeelden. Omdat Cowboy Junkies en Mazzy Star de afgelopen tijd niet al te productief zijn, omarm ik momenteel Widowspeak maar als de vaandeldragers van een genre dat behoort tot mijn favoriete genres.
 
Geen wonder dus dat ik Expect The Best schaar onder de grote verrassingen van de zomer van 2017, maar de kans dat de plaat verder gaat reiken is levensgroot.

Erwin Zijleman

Je kunt Expect The Best hier beluisteren en kopen:

https://widowspeak.bandcamp.com/album/expect-the-best



Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

maandag 23 juli 2018

Reimagination. Lamont Dozier

From 1964 onwards The Supremes and The Four Tops scored a string of hits that not only spelled huge success, but are nearly all hits right up to this day. Most of those songs have proven to stand the test of time and remain as much fun to hear as when I heard them for the first time. Most, if not all of these hits were written by a trio called Holland-Dozier-Holland. I never really found out much about them. By the time I had the money to buy records, all these hits had become childhood memories and some, especially the older ones, still needed to be discovered.

Dozier, the one always in the middle, is Lamont Dozier, now 78 years old. Recently he released an album called Reimagination. I was not interested. These songs have had their final version circa and over 50 years ago. So why come forward with new ones now?

I can think of a few reasons. The opportunity arose, but maybe more importantly to hear them sung in the voice by the man who co-wrote these songs. This was his chance to shine and not be a name beyond the limelight. I can't imagine money being one of them. It may cost more nowadays to make a well-produced album than it makes from sales. So ambition may have been the reason and it seems fair game to me.

Promo photo
By chance the album got played on my iPod. Forgetting my reading glasses equals hardly any idea what will be played. I heard the most sober version of the first lines of 'Baby Love' imaginable. Slow, empty, intense. The years of 'Baby Love' lie decades behind Lamont Dozier and the sound of his voice and singing tells all about his journey through life. I was intrigued immediately and listened on. No, I will not play this album often. If I want to hear these songs I will return to the originals for sure. What struck me was the integrity I heard.

The further I moved into the album the more guests and instruments came by leaving the voice / piano versions behind. Yet the effect of the album remains largely the same. Towards the end sobriety returns.

Reading up on Lamont Dozier I found he scored solo hits in the 70s (in the U.S.) and off and on scored hits, (co-)writing for others up to around 1990. If this album is his musical goodbye to the world, it is one you can only hope and wish for as a salute.

Wo.

Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

zondag 22 juli 2018

Santa Rosa Fangs. Matt Costa

Ik ben inmiddels al flink wat jaren heel enthousiast over de platen van de Amerikaanse singer-songwriter Matt Costa.
 
De in Californië geboren en getogen muzikant koos lange tijd voor zijn eerste liefde, het skateboard, maar toen een ongeval een professioneel bestaan als skateboarder onmogelijk maakte, koos Matt Costa voor de muziek.
 
Een platencontract bij het label van Jack Johnson hielp de Amerikaanse muzikant in het zadel, waarna hij in 2006 zeer verdienstelijk debuteerde met Songs We Sing.
 
Op zijn debuut liet Matt Costa een voorliefde horen voor met name 60s folk en 70s singer-songwriter pop, maar andere invloeden waren nooit ver weg en uiteraard strooide Matt Costa driftig met Californische zonnestralen.
 
Het is een lijn die fraai werd doorgetrokken op Unfamiliar Faces uit 2007, Mobile Chateau uit 2010 en Matt Costa uit 2013, waarna het helaas stil werd rond de Amerikaanse singer-songwriter. Matt Costa maakte twee jaar geleden nog wel een nauwelijks opgemerkte filmsoundtrack, maar is vijf jaar na zijn titelloze plaat eindelijk terug met een nieuw album.
 
Santa Rosa Fangs is een conceptplaat over een Californische vrouw en haar broers, maar de plaat is ook te beluisteren als een lofzang op The Golden State of als een terugblik op het leven van Matt Costa tot dusver.
 
Ook op Santa Rosa Fangs haalt Matt Costa de mosterd weer vooral in het verre verleden en met name in de jaren 60 en 70, maar de Amerikaanse muzikant heeft zo langzamerhand ook een duidelijk eigen geluid gecreëerd, waarin uiteenlopende invloeden aan elkaar worden gesmeed.
 
Het levert ook dit keer een werkelijk geweldige serie popliedjes op. Laat Santa Rosa Fangs uit de speakers komen en de zonnestralen vliegen je onmiddellijk om de oren. De zonnige en tijdloze popsongs van Matt Costa zijn niet alleen volstrekt onweerstaanbaar, maar zitten ook razend knap in elkaar en zijn zeker niet van het type die het ene oor in gaan en het andere weer uit, hoe aangenaam dat ook kan zijn.
 
Matt Costa schudt de tijdloze en hopeloos verslavende popliedjes misschien bijna achteloos uit de mouw, maar ondertussen is over ieder detail nagedacht en citeert de Amerikaan net zo makkelijk uit de catalogus van The Byrds en The Beach Boys als uit die van Oasis en Elliott Smith en vermengt hij ook nog even John Lennon met World Party.
 
Het geluid op Santa Rosa Fangs is net wat meer rechttoe rechtaan dan het geluid op de directe voorganger, maar zit vol spitsvondigheden. Matt Costa is nog altijd een kind van het zonnige en lome Californië, maar op zijn nieuwe plaat klinkt hij ook net zo scherp en stekelig als de pioniers van de Amerikaanse new wave uit New York.
 
Na één keer horen was ik al weer hopeloos verliefd op de onweerstaanbare maar ook knappe popliedjes van Matt Costa, maar net als de vorige platen van de Amerikaan wordt ook Santa Rosa Fangs alleen maar beter en beter. Matt Costa maakte al een paar platen die je op ieder moment uit de kast kan trekken en waarvan je altijd blij wordt. Santa Rosa Fangs is ook weer een en het is wat mij betreft de beste van het stel. Met afstand zelfs. Jaarlijstjesplaat dus.

Erwin Zijleman

Je kunt Santa Rosa Fangs hier beluisteren en kopen:

https://mattcosta.bandcamp.com/album/santa-rosa-fangs


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

zaterdag 21 juli 2018

Roadwork vol 5- Field notes, Europe 2017- The Fantastic Expedition of Järmyr, Ryan, Sæther & Lo. Motorpsycho

Last year I reviewed Motorpsycho's latest studio album, 'The Tower', favourably. What?, it made my top 10 of 2017. In April I saw the band for the first time in over a decade live in Alkmaar. And now there is the latest iteration of the the band's roadworks.

For me this is the first one I'm listening to. It catches the band live in Europe in 2017. Roadwork vol 5 catches Motorpsycho in its full glory. The band rocks out in a most enthusiastic way. Exploring its compositions to the max. Something they have done in the studio as well with the more lengthy ones. This does not mean that they have reached their final version per se. Motorpsycho goes at it like jazz musicians. There is a central motif where the individual musicians depart from, in the case of Motorpsycho usually including lyrics, after which the song takes off in lengthy solo's, where guitar and bass battle things out between them. Behind them the drums go at it, so keeping time is a huge challenge for all four musicians. The fourth being the guest guitarist and keyboardist on stage -who gets his moments as you can hear here.

Seeing Motorpsycho live and having to listen to an experiment of 24 minutes at home are two different things. Like I notice that both the singers are not the best of singers on a live record. I do not think I have to listen often to 'Lacuna/Sunrise' at home. Fans of Frank Zappa will recognise some of the sequences in this long piece, as being Zappa influenced. Having said that, it is at the same time great to be able to follow every twist the four musicians take here, at leisure and not the spur of the moment. The original song from the 'Here Be Monsters' album is extended by a whole 15 minutes. Long spacey interludes our followed by more solid rock parts and eerie keyboard solos. That certainly is the added value of Roadwork vol 5. The reason why this album adds to the regular releases.

In the past I liked the more structured songs of Motorpsycho better. This has changed over the years, although I'll admit it is hard to concentrate for 24 and a half minute on a jam, with life going on around me. This sort of stops being present at a show. (I know, with modern media this is a tough choice.)

Roadwork vol 5 shows the world how varied Motorpsycho is. The dreamy 'Manmower' from the album 'Blissard' (1996) makes for a beautiful piece of work that is slowly flashed out from the introspective beginning. The keyboard, the Mellotron all join beautifully. The bass is fuzzed up and off we go, with still about 10 minutes to go. Dynamics are used by the band creating extreme mood swings. The jazzy guitar solo makes it another song again.

Roadwork vol 5 is filled to the brink of Motorpsycho and still does not do right to the hours long shows the band gives. There's so much more! It does do right to what Motorpsycho is on stage. A powerhouse of a band that is an expert in finding many different approaches to its own music and music in general. A band that does not fear to take off and find out where it will land on its feat and perhaps it will not. Who knows even that may happen once in a while. Fans of the live version will enjoy this album tremendously. It holds it all. For all others: this is the real thing where Motorpsycho is concerned. Listening to the records is only half the story, musically.

Wo.

You can buy Roadwork vol 5 here at Stickman records:

https://www.stickman-records.com/shop/motorpsycho-roadwork-vol-5-field-notes-europe-2017/


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

vrijdag 20 juli 2018

Live in Concert ABBA

The announcement of two new songs to accompany a hologram tour of their younger selves to be released in December, stirred the international media into action alright. The songs themselves can only be a disappointment, most likely that is. The news said something else between the lines: ABBA is big business, that is nothing new, no, ABBA is at a height where it rightfully belongs: up there with the Beatles.

ABBA is, mostly, a phenomenon of the 70s. Camp, disco, ballads, but even then it was hard to ignore that some of these songs were, really, good. Millions of people weren't wrong. My ears and level of acceptation were. As a teenager liking Bowie, Pink Floyd, Nazareth and all the 60s heroes and later in the decade discovering Zappa, U.K. new wave, etc., there's just no place for disco and ABBA.

Over the years, ABBA had long quit being active, most of these songs just kept presenting themselves. The highlight, my personal one that is, was an unexpected encounter at a conference party in Brussels a few years back, with an ABBA look-a-like/tribute band. Each and every song worked, was shouted along to by all present and so danceable. My 50 something ears knew exactly what they were hearing. Not that I raced to the shops to get the albums. (Read on here: http://wonomagazine.blogspot.com/2016/06/abba-revisited-at-eurodig-brussels.html)

My son already had succumbed to ABBA as a pre-teen. He had the greatest hits cd I bought him, so I had a copy of my favourites made at the time. Because of the tapes I made for him in the car with his favourite songs, ABBA came by regularly through the years.

And talking about hits, there are so many of them. In fact when I go into my 45 collection I found a few singles I bought in discount, 'Summer Night City', Eagle', 'Take A Chance On Me'. Looking at that list, what shows through most is how diverse they are. That is what ABBA has in common with the Beatles (and roughly the limited length of their careers). ABBA had songs for everyone, making people patient when a song was less to their liking, because the next one will be again. The Baroque pop style of 'Waterloo' and 'Dancing Queen' with their lush piano riffs, the flat disco of 'Voulez-Vous', the many ballads like 'Fernando', the exotic in 'Chiquitita, the serious pop of 'Eagle', 'One of Us' and above all 'The Day Before You Came' or the rock of 'Does Your Mother Know' and rock disco of 'Summernight City. It all attests to the diversity of this band and one of the main reasons for its prolonged success.

After reading the mea culpa of 'Oor', earlier this month, on how they mostly ignored the band all through the 70s, and yes, 'Oor' wasn't there to cater to this sort of music: It went punk in 1977 and new wave soon after (and became so dogmatic at it that even I got tired of reading about the "Medium Mediums" and how good they were, which they weren't) I knew that things had settled in the universe. ABBA has finally gotten its right station. Even if you do not like the music, there's no denying that.

So back to last night. I had recorded the Live In Concert show for my girlfriend around New Year's Eve and we hadn't watched it yet. She was a fan in the 70s and still is. The film itself was a bit strange (or perhaps this TV edit, I don't know) of footage of the band on tour in the U.S. and the show from the Wembley Arena in the U.K. Although I had the impression to be watching a few different shows. I had never before seen ABBA in action. A few things stood out.

Yes, the girls were pretty, there's simply no denying. Also that they look like women do. There was nothing there added to who they were except for a training program, make up and a blow wave or two. The two voices of Agnetha and Frida blend so perfectly together, creating the layered vocals that ABBA excels in. Björn is the most rockstar of the four. He really enjoys himself on stage and goes full out, where the ladies are much more reserved. The same goes for Benny, being hampered by his piano of course, still wants to have a good time and enjoy himself. Behind the four was a huge band doing all the work, which is fine. The four need a band to recreate what they make in the studio. I did wonder whether Agnetha and Frida always liked what they were singing. They were served music and lyrics to sing. Musically the band consisted of the two BBs. The nice front presented the results to the outside world. There's no telling what they really thought.

And above all, yes I liked watching the show. The music was good. Yes, GOOD! The presentation great and focused on the music. There's nothing being taken away from that. The single naughty, seductive glance into the camera by Agnetha, the girls smothering the guitar player while soloing (sexual harassment of an employee if I ever saw one) and Frida's ballet lessons of old recreated during a solo was all there was really to note. It was Björn who kept jumping around given half the chance. His role as guitar player was minimal anyway, as the band had to very competent players in it.

No, I will not go to the hologram tour next year. Yet I am sure though that for those who will, "a splendid time is guaranteed for all",  to quote that other very famous band of old.

Wo.

Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

Kairos, 5 July 2018 by .No on Concertzender

Running behind a little has consequences for Wo.. Only a few days after writing on the June edition of Kairos he's already at it with July. Again he emerges himself in the often more esoteric musical tastes, yes, certainly plural is required here, of .No and tries to come up trumps. Luctor et emergo is an appropriate proverb for his challenge every once in a while. Last month it turned out to be smooth sailing. How does he fare in July?

Come the familiar sounds, yet they are replaced by a modern, yet retro sound. An electric guitar, rhythm and a Phil Spector like sound, without the wall. This is early 60s, late 50s teenage girl love angst. The music is by a debuting band called Donna Blue with the song 'Baby'. Short, sweet, although slightly unimpressive. I can't help feeling that 'Baby' could have been somewhat better. On the other hand it captures high emotion in an effective undercooled, if not slightly desperate way. So who knows, I may warm to this song anyway.

There's no fancy mixing going on. In fact the turn to 'The Spirit Will Not Share The Guilt' by Peter Andersson is radical. Pure silence. Did it take me minutes to figure out Bowie's influence in June's Kairos, here it is instantly. The few deep keyboard notes are 100% 'Warszawa'. The rest is a host of noises, with a choir holding long alternating notes. The end of 'Baby' returns in an ingenuous way in between the noise, as if a radio station fades in and out, from long before digital radio. The noise of Andersson is slowly replaced by the minimal piano of Sten Erland Hermundstad. 'The unknown Song' holds slow piano notes, with all sort of stuff going on in the background. A violin holding the starting note of Bach's 'Air', in the version of Ekseption that is, sort of long. (Then something strange happens. The program blocks and is not willing to continue. I've never encountered this before. Perhaps .No, Concertzender or Mr. Hermundstad has enough of my musings. Who knows what is being surveilled on the Internet? Let's try again and see what happens before arriving at drastic conclusions.)

And here we go again.

The next piano is by Pieter Nooten, who released an album this year called 'Stem'. The next ca. six minutes are filled with experimental sounds, not unlike, and here I go again, the start of 'Shine On You Crazy Diamond' by Pink Floyd. Perhaps it's time to mix that in for once, .No? The beginning certainly fits Kairos. 'Fieldz' mood changes by fast played percussive instruments, bells and such, that contrast with the long held sounds and atmospherics. A piano hovers somewhere over and in the music. It is busy, creating unrest. While one note is being pounded ever louder and louder. Becoming more pronounced by the minute. But so is all else. All of a sudden it all crashed down, another Pink Floyd trick on the same album, leaving only the atmospherics and the bells. Do I like this? I can't really tell. 'Fieldz' certainly fascinates me.

A classical guitar weaves itself into the whole, but so does a flute. So what am I listening to? The Trio Leandro, that does not hold a guitar. Only flute, viola and harp. This intricate composition by Harald Genzmer gives all instruments its moment. At times they are almost going at each other instead of creating a mutual strength. Something like Donald Trump at a meeting with allies. This is certainly well played, but not for me. Most notes take directions where I do not want to go, I find. And that's fine of course.

Ryan Karazija, better know as Low Roar, returns to Kairos. His soft toned album 'Once In A Long, Long While, that was recorded in Iceland, must by now nearly have come by in its entirety. 'Gosia' is another song so delicate it stands in fear of breaking. Yes, those familiar with this soft pop genre may recognise influences from others. I find them non-consequential in the face of this delicacy. The minimal melody in the song lifts the melancholy in a nice way, creating beauty.

Pieter de Graaf returns to Kairos to. His album 'Prologue' is obviously liked. In my review of the album I wrote that a good song is a good song. Even when the composer does not write songs in the pop traditional way. I find it easy to listen to De Graaf. His slow played notes could be a part of great rock songs.

The mood changes slowly and House of Cosy Cushions kicks in with a threatening hum. The mood changes a few shades to dark. .No has explained to me recently how much he admires Richard Bolhuis literally painting the whole picture of the artist, conceptualist and musician. It just does not reach me. I do not hear anything beyond the droning music that is presented here.

Gilbert Isbin also returns after several months. Again playing a composition by Stathis Skandaldis. The soft lute playing is solemn and contemplative. There are intricate bass melodies accompanying the lead notes, showing how accomplished Isbin is as a lute player. I immediately see the Middle Ages in front of my eyes when I think of a lute. The music of Skandaldis only hold these elements because of the sound. The melody is more sombre that anything shown in movies with lutes or in British folk. That puts this song apart.

Next is a more modern sound, but one that so easily fits together. Those following this blog will remember my jubilant review of 'Live At Jazz Middelheim' by Chantal Acda and Bill Frisell. I am pleasantly surprised to hear it in Kairos as it fits extremely well. It is surprising how close Isbin's 'Amber' is to 'Our Memories'. It is the modern guitars that warm me to 'Our Memories' so much easier. That is a surprising piece of insight I'm presented. 'Our Memories' is the kind of song that can make a person cry when he or she is hearing it. Beauty!

Some more Pieter Nooten. Now with 'Variation In F#' from 'Stem'. Instruments come in and go out of the recording like they are all just doing something, while a chugging sound keeps things together. In the end they all fit together, undoubtedly because they are playing around the F# chord. I would have enjoyed a little more structure. That comes in through a piano playing structured notes. There's one snag. with all these new mixing techniques in Kairos going on, I can't be sure any more what I am hearing. The piano has some similarities to 'Tubular Bells'. All else certainly has less so.

A German woman speaks a few words. The song itself changes so slowly that I can't be sure who's piano is playing. Only when the leitmotiv changes I can determine that now I'm listening to 'Gemein' for real. The music part that is. Before I know it another piano comes in, while 'Gemein' and the white noise surrounding the spoken word German keep going. The piano chords played now are very slow and wide apart. It is Michael Pisaro with 'Silent Cloud'. A violin drones underneath it, filling the second long gaps between the piano chords. Human breathing, sequenced, fills some spaces also, before we return to silences. This is the kind of music that I do not find my way into. I can't figure out what there is to enjoy. The repetitiousness, the droning, the sheer emptiness. Not just of tones but of emotions, of joy. That slightly changes when a woman start singing and blackbirds join, .No's blackbirds that is (or Broeder Dielemans' of course).

A choir comes in. Solemn as choirs go. The Britten Sinfonia plays a Morten Lauridsen composition, 'She Tells Her Love While Half Asleep'. A large piano interlude feels different from the choir, but then who knows how Lauridsen composed this work. As always I am impressed by all the different tones a choir can produce through arrangements.

Something different sets in while the choir fades away. A plucked string, some hiss. Music down to the very bare essence, to when mankind had found out how to string a bow. Probably by accident, hearing a faint noise when plucking the string of a bow by accident, or that and having the bow close to a cavity, creating resonance. Ben Lukas Boylsen slowly adds more and more to 'The Veil'. Going way beyond what a primitive person could ever imagine. Boylsen does show what effects can be reached in music through fairly minimal effects and some echo. The sound is like it was captured all through a huge room by using the room almost as an instrument. The way 'The Veil' is built up, is really well done. A beautiful and modest, yet impressive ending.

The Li's end this Kairos. What do I have to brace myself for next? Yes, you are right, so far they have not produced my favourite Kairos contributions. There's one major plus: They are at the end this time, so I can simply turn it off when too hard to endure. A Jew's harp like instrument is joined by a clarinet. A mix of eastern and western sound. Certainly mysterious because of the Jew's harp. But music, no, I don't think so. And then an explosion as if David Guetta or Armin van Buren joins the Li's. The mouth as the beat. Lucky for me, things stop here and the Li's leave my life. Perhaps for good, who knows?

Wo.

You can listen to the Juli 2018 Kairos here:

https://www.concertzender.nl/programma/kairos_451031/


Playlist:
00:12  Donna Blue. Baby (single). Snowstar Records.
01:49   Peter Andersson. The spirit will not share the guilt (fragment). Raison d’être. Album ‘The Stains of the Embodied Sacrifice. Cold Meat Industry CMI 202. 
04:36  Sten Erland Hermundstad. The unknown song. Album ‘The minimal piano Series Vol I’. Blue Spiral Records BSR 015.
07:36  Pieter Nooten. Fieldz. Album ‘Stem’. Rocket Girl RGIRL115.
13:44  Harald Genzmer. Notturno from ‘Trio für Flöte, Viola und Harfe’. Trio Leandro. Album ‘Trio Leandro’. NCA/Debut 60158-207.
17:55  Ryan Karazija. Gosia. Low Roar. Album ‘Once in a long, long while’. Nevado Records 823674059620.
21:55  Pieter de Graaf. City 40. Album ’Prologue’. DGR Music.
23:40  Richard Bolhuis. Weaving Choir. House of Cosy Cushions. Album ‘Underground bliss’. Outcast Cats.
25:38  Gilbert Isbin. Amber. Stathis Skandaldis, luit. Album ‘Stathis Skandalidis plays Gilbert Isbin’. Tern Records, Tern 007.
29:07  Chantal Acda & Bill Frisell. Our Memories. Album ‘Live at Jazz Middelheim’. Glitterhouse GR 945CD. 
33:08  Pieter Nooten. Variation in F# Minor. Album ‘Stem’. Rocket Girl RGIRL115.
38:22  Stephan Wöhrmann & Oliver Doerell. Gemein. SWOD. Album ’Drei’. Towerblock CD 049.
39:41  Michael Pisaro. Silent Cloud. Album ‘Tombstones’. Human Ear Music HEMK 0026.
45:51  Morten Lauridsen. She tells her love while half asleep, from ‘Mid-Winter Songs’. Polyphony / Jaqueline Shave / Britten Sinfonia / Stephen Layton. Album: ‘Lauridsen Choral Works’. Hypérion CDA67580.
49:53  Ben Lukas Boysen. The Veil. Album ‘Spells’. Erased tapes Records ERATP085CD.
55:34  Yom & Wang Li. The dream of a tree (fragment). Album ‘Green Apocalypse’. Buda Musique 860220

Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

donderdag 19 juli 2018

Carnivals & Other Tragedies. Marshall

A very serious voice sounds out. A kind of voice I haven't heard since somewhere in the 70s, usually belonging to a singer that aimed for an audience older than the teenage version me. It doesn't come as a shock that Marshall Hjertstedt is about my age. His music has the seriousness and contemplation that can come with age. What did surprise me is that Carnivals & Other Tragedies is only Marshall's first album (after two locally released albums).

The album has only seven songs and all are more or less in the same register. So seven songs is the right number for me. In the songs the acoustic guitar of Marshall is the centre. Around it a band is formed. The fiddle is the most dominant of the instruments, the harmony vocals the most live part. The other instruments are all in service of the song. And songs Marshall presents us with.

Promo photo
There's nothing going at it. All is laid back with a message or two for the rest of the world on offer. I'm reminded of Tim Hardin, David Crosby and a few other singers of the day more than once. Marshall finds his way between them and can claim his own spot with ease. With me being older, it is not hard to appreciate what he is doing on this record.

"I'm to old, so I'm told, to be a dreamer", Marshall sings in 'Merry-Go-Round'. This record simply proves all those non (or cynical ex-)dreamers wrong. There's hope for all of us. If Marshall can release his first international record, why do all of us not do what we dream of? It takes one thing though: get out of your chair behind those geraniums and start fulfilling them, write, create, invent, paint, etc, that something you dream of. Now!

Promo Photo
Carnivals & Other Tragedies presents exactly the right amount of variation on the album to keep my attention on the music. Following the soft 'Make It Right' 'The Devil Is In The Details' rocks out in a modest way. The difference gives the album the vibrant touch it needs to convince. (Although the too neat 'The River', the final song, is a bit too much or rather too little, for me.)

Yes, Carnivals & Other Tragedies will not attract any youngsters, but all who enjoy a good, melodic singer-songwriter album as they were made in the 70s should listen to it. There's a lot on offer here that will make you remember and even reach out to those albums of old, probably stacked away in the attic together with your gramophone. It will also do something else. It will find it's rightful place among those records. Now here's a win-win.

Wo.

You can listen to and buy Carnivals & Other Tragedies here:

https://marshallsongs.bandcamp.com/album/carnivals-and-other-tragedies


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

woensdag 18 juli 2018

Tiger, Now! Vera Jonas Experiment

This spring another Jonas, Karen, featured on this blog with her new album 'Butter'. Come summer it is Vera who finds herself on these pages. The differences between the two Jonasses are more distinctive than the similarities, musicians and female. Vera Jonas rocks out in a fashionable way where Karen is more at home in the americana section. And Vera is from Hungary.

Tiger, Now! is an album that was released before. At the time it totally escaped my attention. This time it has not and I'm the better for it. Vera Jonas presents an interesting mix of music that does really well with the current summer temperatures. She not only rocks out, loudly, who moves down the album by the song discovers several surprises and changes of mood and music. So here's a similarity between 'Butter' and Tiger, Now! any way.

Vera Jonas Experiment is a band from Hungary, fronted by Vera Jonas. It released an album, 'The Game' in 2013 and an EP in 2014, 'Wanted'. And now this discothèque of musical styles. If anything Tiger, Now! seems like a graduation assignment. Show the graduation committee you are able to ... And out come these different tasks, all fulfilled with great dedication and love for the musical style and genre.

Had that been the whole story to Vera Jonas Experiment's latest album, then I good have served a short shrift here (which I would not have done, just ignored the album). No matter what the genre is this band takes on, it serves a great sound, an even better song and I am sure at the best of its ability. Even the song sung in Hungarian, gets a special treatment. 'Szel Hozott, Szel Visz El', which means "The wind that has brought me here, will take me away" (thank you Lyricstranslate.com), is kept very small and stands out just by Vera Jonas' voice. Until the band kicks in and finishes the song in a grand, impressive way.

Not so at the start of the album. Jonas mixes her impressive voice with a huge guitar sound and is not afraid to take the band full on. Only to come out winning. Vera Jonas has a powerful, yet pleasant voice and shows it to the world straight away in the driving title song of the album. The beat is relentless, yet almost one dimensional. Think 'I Love Rock And Roll' with more vocal melody. Vera Jonas Experience manages to keep a song interesting which at heart is only a pounding rhythm of all involved instruments and a guitar that goes apeshit every once in a while.

Straight afterwards the band moves into something extremely melodic, still rock, certainly, but the ballad kind of rock. 'Ordinary' is the kind of ballad that rocks out, explodes. From there Tiger, Now! starts to explore many directions. Even the Suzanne Vega style folk comes by in a more modern, solid way that is. There's so much to enjoy, discover and recognise on Tiger, Now!. So many moments of joy, exultation and contemplation. Vera Jonas Experience may just be given it's all. Putting Experience behind your name, comes with quite a legacy and is dangerous to do. In this case, the only conclusion can be that listeing to this album is a true experience and a satisfying as well.

Speaking of curiosities. The cover of the Beatles' 'Michelle' certainly counts as one. Almost a late night jazz standard is what the 1966 no. 1 hit is turned into here. It does show what the Beatles got away with through the years. (Drool, drool.) 'Michelle' is one of the band's biggest hits over here. Everybody liked it. Those are the biggest hits.

As far as I'm aware, up to today I have only heard music from Hungary by a The Beatles cover band, singing English and hardly speaking it, The Blackbirds? All the other news from the country is often set in a negative connotation concerning immigration and the rule of law. Today this changes with this beautiful and extremely varied album by Vera Jonas Experience.

Wo.


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

dinsdag 17 juli 2018

Future Echoes. Pictish Trail

Whether all is well in this future remains to be seen. Chances are not that good. The busy and rather strange cover art of Future Echoes gives off a signal. I am just not certain what it is and whether I want to be part of the picture.

What I am warming to though is the music of Pictish Trail. At first I was simply overwhelmed by the sheer size of the music. Two fully filled cds, with music that at first listen seems to lack consistency in many ways. Slowly but surely the album found its way to me and step by step finds itself in full action, as good albums should.

Pictish Trail is Scotsman Johnny Lynch and Future Echoes is the double vinyl re-release of an album first released in 2016. The second album is filled with extras like remixes, live versions, etc. As I haven't heard Future Echoes before I will stick to the original album and share my views with you.

Promo photo
If one influence shines through on this album, it James Mercer's. Also a man who works mostly on his own behind a band name, The Shins. Part is in the way of singing. The music deviates more, but I can imagine The Shins playing most of these songs. Future Echoes is an album that is dreamy by nature and full of influences spanning several decades. For those with a clear ear, it is even possible to distil 'Cloudbursting''s violin part, Kate Bush's 1985 hit song. Pictish Trail leans a lot on electronics and electronic rhythms. A lot of this music may have been created by Johnny Lynch on his laptop. This takes nothing away from the fun I have with Future Echoes.

In fact, you do not hear me complain at all. There are never enough albums with a great alternative pop feel - when they are good that is. The more I've listened to Pictish Trail I am convinced that 'good' is the right description for this album.

There are hints at psychedelia in Future Echoes. This is where it is left at. There are enough latter day psychedelic albums to last me for a while. Pictish Trail weaves some psychedelia through the fabric of its songs, containing so much more. With his light, slighter higher voice, Lynch always sets the pace and mood. Dreamy, as if looking into a far off future. How the mood can change within a song with just a few 'ooohs' is shown in the superb 'Until Now'. An acoustic guitar lends a hand, as does all sorts of electronic, small musical jokes.

Promo photo
It can be said that the over all mood of Future Echoes is almost flat. That is what kept me from the album for a while. The richness of the album opened itself over time. In such a way that I understand now why Future Echoes was nominated as best Scottish record of 2016. In fact I may even have supported it, knowing what I know now. (Had I been asked that is.) There are so many small details to discover that I am certain I am not at the end of that development yet.

My advice to you is to take a little time for yourself and Pictish Trail and listen to what an oh so small song like 'Strange Sun' has to offer. A ton and then some more you will find.

Wo.

You can listen to and buy Future Echoes here:

https://pictishtrail.bandcamp.com/album/future-echoes

For vinyl fans:

http://www.firerecords.com/product/pictish-trail-future-echoes-2/


Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g

maandag 16 juli 2018

Once The Sun. Helge

Helge is from Amsterdam by way of Utrecht and has released his solo debut album only in 2017. It is early summer 2018 and already the world can enjoy a follow up EP. A man on a mission.

It is said that Once The Sun shows another side of Helge, as he let's in more electronics into his singer-songwriter music. Be that as it may. As I'm not familiar with 'The Days Of Young Petty Davis' nor the three albums he released with his band Miss Molly & Me, I'm all fresh ears where Helge is concerned. Be that as it may. This certainly does not go for the music he presents on Once The Sun. The train filled with singer-songwriters who let in some modern influences passes at full speed, yet Helge managed to hook up his own car to it.

The world is the richer for it. The five songs on Once The Sun all have an inherent quality that is hard to ignore. Whether Helge strips away every layer Blaudzun adds to the basis of his songs, like in 'Gotta Let Go' or an acoustic foray into the acoustic side of Ed Sheeran, like 'On Your Mind', Helge Slikker comes out a winner. All songs have something distinctive, something making them worthwhile to explore more in depth to find the diamonds and pearls hidden within them.

It is almost too easy to put Once The Sun aside as yet another record by a man with a high, delicate voice. I almost did so after a first shallow listening session. A narrow escape it was to. Lucky for me and Helge I nearly always give a record more than one chance. The second listen session already opened me up to Once The Sun and put the album on the level of e.g. Low Roar, James Bay and Novo Amor, to name three (fairly) recent examples of singer-songwriters with high sounding voices on this blog. Soon after Once The Sun went into a sphere of its own, somewhere up there where Blaudzun is.

The album starts with 'Let's Be Gone', the single. Delicately, yet with firm but rhythmically plucked strings, the song opens the album. There's no easiness in this song. The rhythm keeps stop-starting. Over it Helge sings with his high song. A piano is allowed in to provide (only) a few melodic notes. It is important to grasp the mood of 'Let's Be Gone'. Do that and you've found your way into this EP.

Promo photo
A muted rhythm guitar starts 'We Know Now'. We know that muting trick now. Yet this song is different from 'Let's Be Gone'. A lot sounds familiar, for sure. To my ears this is the most ordinary song of Once The Sun. That may tell you something.

The title song takes the EP in another direction. A The Beach Boys like ballad. Like 'Tears In The Morning'. The voice(s) and sounds are more modern, making the song 2018. The slow piano and guitar notes, to modest to be called a solo, more an interlude lifting the song tremendously high. The song has a chord progression that could be Oasis' (and Blaudzun's) yet nothing in the song has to do with either. 'Once The Sun' is one of those songs that tell me how music can equal beauty.

With 'Gotta Let Go' the tempo goes up, the voice goes down, taking the EP again into a different direction. "We all have are demons ... and feelings", a truth like a cow as we Dutch say. When they are translated into a song like 'Gotta Let Go' I wish them upon more musicians. The darkness seeps out in the small interlude when the influence of Eels comes through and the song is deactivated instead of brought to a higher level. Well done and interesting this twist Helge presents is.

The ballad 'On Your Mind' ends it all, far too soon. You can name your own names here as influences. There are several. In playing and singing. That may be. This is a nice song that is taken off near the end, changing pace of the song and the album once again.

Helge's Once The Sun is an album to check out. Many familiar sounding elements, songs and sounds have melted into something interesting in its own right. Helge surprised me several times (with)in five songs and that is more than some artists can attest to in a whole career. As the quality matches the changes the only conclusion is: Once The Sun totally succeeds.

Wo.



Here's the link to our Spotify Playlist to find out what we are writing about:

https://open.spotify.com/user/glazu53/playlist/6R9FgPd2btrMuMaIrYeCh6?si=KI6LzLaAS5K-wsez5oSO2g