Alweer meer dan tien jaar geleden was daar opeens Spinvis. Het is allemaal langs mij heen gegaan, zoals dat soms gebeurt. Allerlei projecten deed Eric de Jong, hij is Spinvis, in de afgelopen jaren, met als meest opvallende voor mij een cd over de facteur Cheval, die een kasteel in zijn achtertuin bouwde met de stenen die hij mee nam op zijn rondes buiten het stadje Hauterives. Ik heb het wonderlijke bouwwerk aanschouwd lang geleden op vakantie. (Het betreft een hoorspel op cd uitgebracht onder de naam "Het hoofd van Ferdinand Cheval.) Zoals gezegd muziek heb ik niet gehoord.
Nu dus Tot ziens, Justine Keller. Omdat de cd zo enorm positief werd onthaald, zelfs nummer 3 stond in de eindlijst van Oor, besloot ik toch maar eens te luisteren. Wat heb ik al die tijd gemist? Ik hoor een wat zijige stem, die ietwat mysterieuze teksten brengt. Het komt mij meer voor als associatieve poëzie dan een verhaal. Daarnaast heel veel alcohol. Er wordt flink gedronken op deze cd. De stem sleurt mij niet bepaald de cd in. Dan moet de muziek het doen. Dat lukt in het eerste nummer goed. 'Oostende' vind ik een oprecht lekker nummer en belooft veel goeds. Het pingelorgeltje, voor zover een orgel kan pingelen, zit lekker in mijn oor. 'De grote zon' is een prachtig klein liedje, dat mij beslist raakt, maar naar mate de cd vordert, gaat het geheel mij meer en meer tegenstaan. En dat begint eigenlijk al in het tweede nummer 'Kom terug'. Dat orgel! Te weinig oempf zal ik maar zeggen, te lijzig en truttig. Luister maar eens naar ‘Ronnie knipt haar haar’! Dan weet je wat ik bedoel. Geen vleesch, geen (Spin)visch. Wie weet wordt het nog een keer heel spannend verder op de plaat, maar ik ben dan al lang door naar iets anders. Ik heb het einde nog niet één keer gehaald. Sorry, maar Spinvis is niet weggelegd voor
Wo.
![]() |
| Foto: Wo. |
op de foto een detail van Le palais idéal van facteur Cheval. Een waanzinnig creatuur dat men één keer in zijn leven gezien moet hebben. Nu een museum.




